De gemeente is verplicht om van de inwoner in bepaalde gevallen een bijdrage in de kosten te vragen voor een maatwerkvoorziening (in natura, als pgb of als financiële tegemoetkoming). Dat staat in artikel 6.4 van de verordening. De hoogte en duur van die bijdrage wordt voor een deel bepaald door de kostprijs van de maatwerkvoorziening. Die kostprijs wordt als volgt vastgesteld:
Op basis van het overzicht van de toepasselijke tarieven, zoals opgenomen in bijlage 7;
Als het product niet opgenomen is in de tarievenlijst van bijlage 7, wordt de kostprijs vastgesteld op maximaal 100% van de kosten van de goedkoopste passende voorziening in natura, zoals de gemeente zou betalen aan een door haar gecontracteerde leverancier van die voorziening. De gemeente verhoogt dat bedrag met een bedrag voor de noodzakelijke kosten van onderhoud en reparatie;
Als het product niet is opgenomen in de tarievenlijst van bijlage 7 en geen onderdeel uitmaakt van een contract tussen de gemeente en een leverancier, dan wordt de kostprijs vastgesteld op maximaal 100% van de kosten van de goedkoopste passende voorziening. De gemeente stelt dit bedrag vast op basis van een offerte, en verhoogt dat met een bedrag voor de noodzakelijke kosten van onderhoud en reparatie.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.
Artikel 28.
Kostprijs bijdrage in de kosten
Onderdeel van Besluit Wmo en Jeugdwet gemeente Vaals 2024