In deze afdeling wordt verstaan onder:
a. boom:
Een houtachtig, opgaand gewas met een diameter van de stam van minimaal 20 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van meerstammigheid geldt de stamdiameter van de dikste stam.
b. houtopstand:
Eén of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtige gewassen, mogelijk onderdeel uitmakend van hakhout, een houtkant, een holle weg, een grotere (lint)begroeiing van heesters en struiken, een beplanting van bosplantsoen, een struweel of een heg, met de onder sub a genoemde minimale stamdiameter. Vlak- en lijnvormige landschapselementen waar bomen en struiken onderdeel van uitmaken.
c. beschermde boom:
Boom of houtopstand die valt onder de reikwijdte van artikel 5:50.
d. kaart:
Een beleidskaart met daarop aangegeven de solitaire bomen, boomgroepen, boomstructuren en boomgebieden onderverdeeld naar de volgende beleidscategorieën: monumentale bomen en waardevolle bomen.
e. vellen:
Rooien; kappen; verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen, knotten of andere vormsnoei; het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ernstige ontsiering van de boom of houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
f. boomwaarde:
De financiële waarde van een boom zoals getaxeerd volgens de meest recente richtlijnen van Nederlandse Vereniging van Beëdigde Taxateurs van Bomen.
g. bomen effect analyse:
Een gestandaardiseerde beoordeling van mogelijke effecten van voorgenomen bouw of aanleg voor een houtopstand en/of individuele boom, op basis van landelijke richtlijnen van de Bomenstichting.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf
Artikel 5:49
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Vaals 2023, eerste wijziging