Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.2.2.1

Individuele vervoersvoorzieningen

Onderdeel van Nadere en beleidsregels 2024 Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerwolde

De gemeente hanteert voor individuele vervoersvoorzieningen en rolstoelen een gebruiksduur van zeven jaar. Indien de individuele vervoersvoorziening zeven jaar na verstrekking nog adequaat is, wordt geen nieuwe verstrekt. Driewielfietsen en scootmobielen Driewielfietsen en scootmobielen worden in beginsel alleen toegekend als er (op korte termijn) ook sprake is van voldoende verkeersinzicht en als cliënt zelfstandig gebruik kan maken van de driewielfiets /scootmobiel. Een korte training kan onderdeel uitmaken van het onderzoek. Voor het stallen van scootmobielen wordt eerst gebruik gemaakt van de reeds aanwezige stallingsmogelijkheden. Deze dienen voorzien te zijn van een stroomaansluiting. Indien er sprake is van een gezamenlijke stalling, dient van te voren duidelijk te zijn of hier gebruik van kan worden gemaakt. De gemeente verstrekt één vervoersmiddel (dus niet een scootmobiel én een driewielfiets). Voorzieningen, zoals een scootmobiel, die buiten de eigen woon- en leefomgeving worden gebruikt voor bijvoorbeeld vakantie in binnen of buitenland, dienen door belanghebbende zelf voldoende verzekerd te worden voor diefstal, schade, noodzakelijk onderhoud en pech. Financiële tegemoetkoming gebruik eigen auto Het forfaitair bedrag dat per jaar wordt verstrekt voor de kosten van het gebruik van een vervoersvoorziening bedraagt voor het gebruik van een (eigen) auto € 720,-, zijnde 2.000 kilometer à € 0,36. Indien iemand als vervoersvoorziening ook een scootmobiel van het college ontvangt, wordt dit bedrag voor 50% verstrekt. De indicatie wordt voor maximaal 3 jaar verstrekt. Na deze periode wordt dit opnieuw beoordeeld. Dit geldt alleen als de kosten van het gebruik niet algemeen gebruikelijk zijn. Met andere woorden, iemand met een eigen auto moet wel meerkosten in het gebruik hebben vanwege zijn beperkingen. Denk hierbij aan de situatie dat iemand alle verplaatsingen met zijn auto moet doen, ook de verplaatsingen die mensen zonder beperkingen te voet met of met de fiets doen.

Rechtspraak bij dit artikel