Naar hoofdinhoud

Artikel 16.

Overgangsrecht

Onderdeel van Verordening Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente Bunnik

De vóór de inwerkingtreding van deze verordening benoemde leden en plaatsvervangend leden worden geacht te zijn benoemd op grond van deze verordening. De zittingstermijn als bedoeld in artikel 5, derde en vierde lid, wordt berekend op basis van de laatste benoemingsdatum. Op adviesverzoeken, ingediend vóór de inwerkingtreding van deze verordening waarop op het moment van inwerkingtreding van deze verordening nog geen advies is gegeven, blijven de bepalingen met betrekking tot de commissies op het gebied van welstand en monumentenzorg in de vóór inwerkingtreding van deze verordening geldende Bouwverordening gemeente Bunnik en de Erfgoedverordening Gemeente Bunnik van toepassing, met dien verstande dat de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente Bunnik wordt geacht de in artikel 8 van de Woningwet, dan wel de in artikel 9.1, eerste lid, onder a, van de Erfgoedwet in samenhang met artikel 15 van de Monumentenwet 1988 bedoelde commissie te zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel