Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.4

Regels voor een persoonsgebonden budget

Onderdeel van Nadere regels en Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Borne 2024

Eerste tot en met het derde lid Het pgb-plan Om in aanmerking te kunnen komen voor een persoonsgebonden budget dient de cliënt hiervoor een ingevuld en ondertekend pgb-plan in te leveren. Dit kan voor of na het gesprek, maar uiterlijk bij het indienen van een aanvraag. Het pgb-plan omvat de uitwerking van de benodigde zorg en de daarmee samenhangende kosten voor een persoonsgebonden budget. Het pgb-plan moet volledig zijn ingevuld en omschrijven welke zorg er op welk moment nodig is en op welke manier de zelfredzaamheid (daar waar mogelijk) gerealiseerd wordt. Het vergroten van de zelfredzaamheid en participatie is omschreven in concrete resultaten. Door een concrete omschrijving wordt achteraf getoetst of de gestelde doelen worden gerealiseerd. Tijdens het gesprek krijgt de cliënt alle informatie die nodig is voor het opstellen van het pgb-plan. Doel van een persoonsgebonden budget Een persoonsgebonden budget kan een geschikt instrument zijn voor de cliënt om zijn leven naar eigen wensen en behoeften in te vullen. Een persoonsgebonden budget kan noodzakelijk zijn als: een vaste hulpverlener gewenst is; on-planbare zorg nodig is; de gewenste zorgaanbieder niet is gecontracteerd. Voorwaarden waaraan voldaan moet worden om een persoonsgebonden budget te kunnen krijgen De cliënt dient tijdens het onderzoek een pgb-plan te overhandigen. Wanneer bij de aanvraag geen ingevuld en ondertekend pgb-plan aanwezig is, dan wordt de cliënt een hersteltermijn gestuurd (art. 4:5 Algemene wet bestuursrecht) met een laatste termijn om het pgb-plan alsnog in te leveren. Daarbij wordt opgenomen dat wanneer het pgb-plan niet tijdig retour wordt ontvangen, een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget niet mogelijk is, maar misschien wel in de vorm van zorg in natura. Dit wordt door de consulent beoordeeld. Het persoonsgebonden budget dient in Nederland besteed te worden. Er bestaat geen recht op persoonsgebonden budget voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij de gemeente hier vooraf expliciet toestemming voor verleent. Als de cliënt de maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget geleverd wil hebben moet de cliënt of zijn budgetbeheerder in staat zijn om een pgb-plan te maken en een zorgverleningsovereenkomst af te sluiten met de zorgverlener. Het is niet toegestaan om tussenpersonen of belangenbehartigers uit het persoonsgebonden budget te betalen. Het persoonsgebonden budget bevat geen vrij besteedbaar deel. Een persoonsgebonden budget wordt toegekend onder de voorwaarden dat: de cliënt naar het oordeel van de gemeente op eigen kracht voldoende in staat is te achten tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, in staat is te achten de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren; de cliënt zich gemotiveerd op het standpunt stelt dat hij de maatwerkvoorziening als persoonsgebonden budget wenst geleverd te krijgen; naar het oordeel van de gemeente is gewaarborgd dat de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt. Een budgetbeheerder is de persoon die het geld van het persoonsgebonden budget beheert en de administratie daarover voert voor de cliënt; dit kan de cliënt zelf zijn. Pgb-vaardigheid De gemeente controleert niet alleen of een cliënt aan de voorwaarden van een persoonsgebonden budget voldoet. Zij controleert ook of men met een persoonsgebonden budget kan omgaan. Daarmee willen we voorkomen dat men in de problemen komt. Bijvoorbeeld omdat men niet weet welke zorg een cliënt nodig heeft. Of hoe men goede afspraken maakt met een zorgverlener. Een cliënt is pgb-vaardig als hij de volgende taken zelf kan verrichten: een zorgovereenkomst met een hulpverlener kunnen en durven af (te) sluiten; de hulpverlener kunnen en durven aan te spreken over de kwaliteit van de geleverde zorg; de hulpverlener kunnen en durven aan te spreken over de gemaakte afspraken; oftewel wordt er gedaan wat er is afgesproken; indien nodig vervanging van mijn hulpverlening te regelen; bijvoorbeeld bij ziekte van de hulpverlener; de bestedingen uit het persoonsgebonden budget in de gaten kunnen houden (op de website van de Sociale Verzekeringsbank: verder te noemen SVB); kunnen onderbouwen welke hulp is betaald vanuit het persoonsgebonden budget; beseffen dat er niet meer geld uitgegeven kan worden dan wat er aan persoonsgebonden budget uitgekeerd wordt en dat indien de cliënt meer wil uitgeven hij dat uit eigen middelen moet bekostigen. Een pgb-vaardigheidstoets in het toekenningsproces zorgt ervoor dat een persoonsgebonden budget bewust en goed gemotiveerd wordt afgegeven of afgewezen. Uit de statistieken blijkt dat slechts vijftig procent van de dossiers van niet pgb-vaardige cliënten als rechtmatig wordt bestempeld. Toets tijdens de aanvraag de cliëntmotivatie en of een persoonsgebonden budget een weloverwogen en onafhankelijke keus is. Goede beheersing van het Nederlands bij de cliënt of vertegenwoordiger dient een voorwaarde te zijn voor toewijzing van een persoonsgebonden budget. Voorwaarden voor het voeren van het budgetbeheer regie kunnen uitoefenen in de levering van de zorg; zelf kunnen bepalen wie de zorg levert en het moment waarop de zorg geleverd moet worden; ondersteuning kunnen kiezen en inkopen die voor hem passend is. Dat wil zeggen passend bij zijn leefsituatie en leefstijl; Een zorgaanbieder die betaald wordt vanuit het persoonsgebonden budget kan niet optreden als budgetbeheerder. Weigeringsgronden In de wet staat dat het college een persoonsgebonden budget kan weigeren (artikel 2.3.6 lid 5): voor zover de kosten van het betrekken van de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen van derden hoger zijn dan de kosten van de maatwerkvoorziening of; als het college eerder toepassing heeft gegeven aan artikel 2.3.10, eerste lid, onderdeel a, d en e. Het gaat hier om het herzien of intrekken van een persoonsgebonden budget vanwege: het vertrekken van onjuiste of onvolledige gegevens waarbij de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; het niet voldoen aan de aan de maatwerkvoorziening of het persoonsgebonden budget verbonden voorwaarden; het niet of voor het ander doel gebruiken van het persoonsgebonden budget. Als er een ernstig vermoeden is dat de budgetbeheerder problemen zal hebben met het omgaan met een persoonsgebonden budget wordt overwogen of een persoonsgebonden budget wel de juiste leveringsvorm is voor de maatwerkvoorziening. Situaties waarbij het risico groot is dat het persoonsgebonden budget niet besteed wordt aan het daarvoor bestemde doel: de budgetbeheerder is handelingsonbekwaam; de budgetbeheerder beschikt niet over voldoende organisatie - en regelvermogen en verantwoordelijkheidsbesef; de budgetbeheerder heeft als gevolg van dementie, een verstandelijke beperking of ernstige psychische problemen onvoldoende inzicht in de situatie; er is sprake van verslavingsproblematiek bij de budgetbeheerder; er is sprake van schuldenproblematiek bij de budgetbeheerder; er is eerder misbruik/fraude gemaakt (van het persoonsgebonden budget) door de budgetbeheerder. Bovenstaande opsomming is niet limitatief. Er kunnen andere situaties denkbaar zijn waarin het verstrekken van een persoonsgebonden budget ook niet gewenst is. Deze situaties vereisen altijd een individuele afweging. In deze situaties kan een persoonsgebonden budget worden geweigerd. Om een persoonsgebonden budget af te wijzen op contra-indicaties, moet er enige feitelijke onderbouwing zijn waarop het afwijzingsbesluit is gebaseerd. De onderbouwing wordt in de beschikking vermeld. De gemeente verstrekt geen persoonsgebonden budget voor zover de melding betrekking heeft op kosten die de cliënt voorafgaand aan de melding heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. Hierbij speelt ook eigen kracht een rol. Als blijkt dat de voorziening is aangeschaft, daarna pas de melding plaatsvindt en de cliënt door de aanschaf niet in financiële problemen is gekomen dan is er geen reden om alsnog een persoonsgebonden budget te verstrekken. Artikel 5.4 Vierde lid Trekkingsrecht In de Wmo 2015 is de verplichting opgenomen dat gemeenten persoonsgebonden budgetten uitbetalen in de vorm van trekkingsrecht. Dit houdt in dat de gemeente het persoonsgebonden budget stort op rekening van het Servicecentrum persoonsgebonden budget van de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De budgetbeheerder laat via declaraties of facturen aan de SVB weten hoeveel uren ondersteuning zijn geleverd. De SVB zorgt vervolgens voor de uitbetaling aan de zorgverlener. Om zorg te dragen dat pgb-uitgaven gecontroleerd kunnen worden is het niet mogelijk om met een vast maandloon te werken. Van de zorgverlener wordt verwacht dat hij zijn gewerkte uren/facturen declareert bij de SVB. De niet bestede pgb-bedragen worden door de SVB na afloop van de verantwoordingsperiode terugbetaald aan de gemeente. Het is belangrijk dat cliënten vooraf goed weten wat het persoonsgebonden budget inhoudt en welke verantwoordelijkheden zij daarbij hebben. De budgetbeheerder krijgt informatie bij de melding en tijdens het gesprek. Die informatie is nodig voor het opstellen van een pgb-plan en de budgetbeheerder wordt verwezen naar de SVB voor het opstellen van een zorgverlenings-overeenkomst (overeenkomsten met zorgverleners). Daarnaast verzorgt het Servicecentrum persoonsgebonden budget van de SVB voorlichting en ondersteuning aan budgetbeheerders. De SVB draagt zorg voor de juridische en arbeidsrechtelijke aspecten (rechtmatigheid) van de inhuur van zorgverleners. Voor ondersteuning en eisen ten aanzien van de af te sluiten zorgverleningsovereenkomst verwijst de gemeente naar de SVB. Verantwoordelijkheden van de budgetbeheerder De budgetbeheerder is verantwoordelijk voor: het inkopen van de individuele voorziening, het hulpmiddel of de hulp. In de hoogte van het persoonsgebonden budget zitten ook de eventuele kosten van het verplichte onderhoudscontract voor de voorziening. Het bedrag is een vastgesteld maximaal bedrag van de door de gemeente aanvaarde kosten; verantwoording afleggen aan de gemeente en de SVB over het persoonsgebonden budget en de kwaliteit van de geleverde maatwerkvoorziening; degene die ingeschakeld wordt voor hulp is verantwoordelijk voor het doorgeven van loongegevens aan de belastingdienst. Kwaliteitseisen van dienstverlening De gemeente stelt als voorwaarde aan de kwaliteit van zorgverlening dat: degene die uit het sociaal netwerk begeleiding of zorg verleent, die zorg en begeleiding kan verlenen naar de eisen die in het pgb-plan staan vermeld en dat de kwaliteitseisen overeenkomen met de eisen van de gemeente, waarbij de begeleiding geschikt moet zijn om het gestelde doel te behalen; de inzet van deze professionele zorgverleners aantoonbaar effectief en doelmatig is; de professionele zorgverleners die door middel van een persoonsgebonden budget betaald worden in het bezit dienen te zijn van een gelijkwaardige kwalificatie als professionele zorgverleners die ZIN bieden. Nadat de maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget is toegekend, controleert de gemeente de kwaliteit en de dienstverlening die uitgevoerd wordt door middel van het persoonsgebonden budget. Gedurende het jaar kan de gemeente o.a. een steekproef houden bij de budgetbeheerder of de cliënt door bijvoorbeeld een huisbezoek en/of een administratieve controle uit te voeren (rechtmatigheid) en de inhoudelijke zorgverlening en ondersteuningsvraag met de cliënt /budgetbeheerder te bespreken (doelmatigheid). Als onrechtmatigheden of ondoelmatig gebruik van het persoonsgebonden budget word(t)en geconstateerd kan de gemeente besluiten om voorwaarden te stellen aan voortzetting van het persoonsgebonden budget of het verstrekken van het persoonsgebonden budget te heroverwegen en eventueel in te trekken. Bij het beoordelen van de kwaliteit weegt de gemeente mee of de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen in redelijkheid geschikt zijn voor het doel waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verstrekt. Vijfde lid (nadere regels) Persoonsgebonden budget voor hulpmiddelen en woningaanpassingen Wanneer de cliënt kiest voor een persoonsgebonden budget krijgt hij na indicatie bij de beschikking een programma van eisen (PvE) waaraan de voorziening moet voldoen. De cliënt kan op basis van dit PvE zelf de voorziening aanschaffen. Als de cliënt een andere voorziening wil, kan hij daarvoor kiezen onder de voorwaarde dat de voorziening geen (andere) belemmeringen oproept. De voorziening die de cliënt aanschaft moet wel de beperking op hetzelfde niveau compenseren zoals in het PvE wordt gesteld en niet slechts een deel van het probleem oplossen. Duur van de toekenning De voorziening in de vorm van persoonsgebonden budget wordt toegekend voor een periode die afhankelijk is van de gebruikelijke levensduur van de voorziening. De periode waarvoor de voorziening wordt toegekend wordt beschreven in de beschikking. Diensten Ondersteuning aan de cliënt met een persoonsgebonden budget kan in de volgende vormen worden geboden: huishoudelijke ondersteuning; begeleiding; nachtverzorging; dagbesteding; kortdurend verblijf. Persoonsgebonden budget voor diensten door een professionele zorgverlener (een zorginstelling of een ZZP’er) Wanneer de cliënt met de inzet van een persoonsgebonden budget kiest voor de levering van een dienst door een professionele zorgverlener gelden de volgende voorwaarden: De professionele zorgverlener: zorgt voor een ondersteuningsplan waaruit blijkt welke kansen/mogelijkheden en ondersteuningsbehoeften de cliënt heeft en welke voorziening er wordt geboden; zorgt ervoor dat de voorziening passend is bij de doelen van de cliënt op basis waarvan de maatwerkvoorziening is afgegeven; legt de beoogde doelen (of subdoelen) met de cliënt vast met daarbij de wijze waarop deze doelen behaald worden en binnen welke termijn; evalueert tussentijds op basis van het ondersteuningsplan de verleende ondersteuning en stelt de deze waar nodig bij. Indien een evaluatie leidt tot bijstelling wordt dit vastgelegd in het ondersteuningsplan; maakt afspraken met de cliënt over de bereikbaarheid; draagt zorg voor continuïteit op het gebied van personele inzet en voldoende ondersteuning; zorgt ervoor dat de medewerkers de cliënten passend en correct bejegenen; brengt de fysieke en sociale veiligheid van cliënten in kaart en houdt daarmee rekening bij de geboden voorziening; zorgt ervoor dat de inhoud van de meldcode Huiselijk geweld en (kinder)mishandeling voldoet aan de wettelijk gestelde eisen; draagt er zorg voor dat medewerkers op de hoogte zijn van de meldcode en weten hoe zij hier naar moeten handelen; en de medewerkers die voor hem werkzaam zijn, verstrekken bij en naar aanleiding van een melding aan de toezichthoudende ambtenaar de gegevens, waaronder begrepen persoonsgegevens, gegevens betreffende de gezondheid en andere bijzondere persoonsgegevens (als bedoeld in de Algemene Verordening Gegevensbescherming) voor zover deze voor het onderzoeken van de melding noodzakelijk zijn; is bekend met en handelt conform de Nederlandse wet- en regelgeving, richtlijnen, verdragen en de geldende Verordening maatschappelijke ondersteuning Borne; heeft passend beleid ontwikkeld op het gebied van kwaliteitszorg (t.a.v. de te leveren ondersteuning); zorgt ervoor dat de uitvoering van het (kwaliteit)beleid wordt getoetst en waar nodig bijgesteld; wordt niet onderzocht (lopend onderzoek) door het college van de gemeente Borne of de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Tevens mag er geen sprake zijn van een justitiële maatregel. Indien er sprake is van een lopend onderzoek dient toestemming van de gemeente voor het leveren van zorg te worden overlegd bij de aanvraag voor het persoonsgebonden budget; staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel waarbij de activiteiten bestaan uit het verlenen van ondersteuning die past binnen de kaders van de te verlenen ondersteuning; treft een regeling voor de medezeggenschap van cliënten over voorgenomen besluiten van de zorgverlener die voor de gebruikers van belang zijn; heeft een toegankelijke klachtenregeling die onafhankelijke afhandeling van klachten garandeert; zorgt ervoor dat de cliënt en/of zijn vertegenwoordiger en de mantelzorger op de hoogte zijn van de klachtenregeling; neemt eventuele klachten in behandeling en handelt deze tijdig en passend af; zorgt ervoor dat hij/zij en/of de aangewezen medewerker vakbekwaam is, dat wil zeggen dat hij/zij beschikt over ervaringen en kwalificaties en/of opleidingen die passend zijn bij de te verrichten activiteiten, complexiteit en aard van de problematiek van de cliënt; zorgt ervoor dat hij c.q. de medewerkers zich houden aan de voor hen geldende beroepscode; zorgt ervoor dat indien vrijwilligers en/of ervaringsdeskundigen en/of stagiairs worden ingezet zij een aanvulling zijn en begeleid worden door het gekwalificeerde personeelsbestand; beschikt over een geldige Verklaring Omtrent Gedrag voor alle personeelsleden (ook vrijwilligers en stagairs) die in contact komen met cliënten. Bij indiensttreding/aanvang van de werkzaamheden mag de VOG niet ouder zijn dan drie maanden. Deze dient elke drie jaar te worden vernieuwd; draagt zorgt voor dat medewerkers hun taalgebruik afstemmen op de cliënt. De zorgverlener beheerst minstens de Nederlandse taal in woord en geschrift; voert een deugdelijke administratie, waarbij in ieder geval inkomsten, uitgaven, verplichtingen, cliëntdossiers en verantwoording te herleiden zijn naar bron en bestemming; zorgt ervoor dat door de cliënt en cliëntvertegenwoordiger geaccordeerde verslagen van evaluatiegesprekken worden vastgelegd en bewaard gedurende de wettelijke termijn voor zorgdossiers (15 jaar na begeleiding), tenzij de cliënt om vernietiging van de persoonsgegevens heeft verzocht. Steekproefsgewijs controleert de gemeente of de professionele zorgverlener daadwerkelijk aan de gestelde eisen voldoet. Persoonsgebonden budget voor diensten door inzet door een informele zorgverlener Onder een informele zorgverlener verstaat de gemeente een persoon, niet zijnde een zzp’er, freelancer, een persoon in dienst van een zorgaanbieder, die ondersteuning levert aan de cliënt. Er is sprake van een arbeidsverhouding tussen de cliënt en de zorgverlener vastgelegd in een arbeidsovereenkomst. Tot informele zorgverleners rekent de gemeente ook partners en familieleden van de cliënt die op basis van het persoonsgebonden budget ondersteuning bieden. Er is hierbij echter geen sprake van een arbeidsverhouding tussen de cliënt en zorgverlener. Bij de vaststelling op er sprake is van een formeel of informeel tarief, geldt dat bloed- en aanverwanten in de 1e of 2e graad van de cliënt worden aangemerkt als informele hulpverlener, ook als zij voldoen aan de criteria van een formele hulpverlener. Een persoonsgebonden budget is niet mogelijk voor ondersteuning vanuit het sociale netwerk (informele hulp) voor begeleiding complex, dagbesteding complex en kortdurend verblijf met ondersteuning. Voor deze complexe ondersteuningsvormen stelt de gemeente de voorwaarde dat er sprake is van professionele expertise. Duur van de toekenning De periode waarvoor de voorziening wordt toegekend zal beschreven worden in de beschikking. Die periode is afhankelijk van de situatie van de cliënt, de mogelijke veranderingen in de situatie en de veranderende ontwikkelingen in het aanbod. Vervoerskosten Wanneer medisch onderbouwd is dat het aanvullend openbaar vervoer geen geschikte oplossing biedt, dient beoordeeld te worden of een cliënt in aanmerking komt voor een andere passende vervoersvoorziening. Deze kan bestaan uit een vergoeding voor (rolstoel)taxikosten, kosten voor vervoer met eigen auto, het aanpassen van de eigen auto. Bij de tegemoetkoming is het uitgangspunt dat deze betrekking heeft op vervoersmogelijkheden van maximaal 1500 kilometer per jaar. Autoaanpassing Een cliënt komt voor een autoaanpassing in aanmerking als blijkt dat er geen gebruik kan worden gemaakt van het openbaar vervoer en het aanvullend openbaar vervoer en de verstrekking van de autoaanpassing de goedkoopste of enige oplossing is om het vervoersprobleem op te lossen. De maximale hoogte van het persoonsgebonden budget wordt bepaald aan de hand van de laagst uitgebrachte offerte om de noodzakelijke aanpassingen te realiseren. Persoonsgebonden budget omzetten in zorg in natura (en andersom) Als in de praktijk blijkt dat een persoonsgebonden budget geen gepaste leveringsvorm is voor de cliënt kan de gemeente ZIN als alternatief aanbieden. De cliënt kan één keer per jaar wisselen tussen het persoonsgebonden budget en een verstrekking in natura (of andersom). Als de cliënt een voorziening in natura (bijv. scootmobiel) omgezet wil zien in een persoonsgebonden budget wordt de voorziening ingenomen en wordt een persoonsgebonden budget verstrekt. Artikel 5.4, vijfde lid (nadere regels) Besteding persoonsgebonden budget in het buitenland Er bestaat geen recht op persoonsgebonden budget voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij het college hiervoor vooraf expliciet toestemming verleent. De cliënt dient uiterlijk 6 weken voor het verblijf in het buitenland om toestemming te vragen bij de gemeente. Als de cliënt niet tijdig aan het verblijf in het buitenland toestemming van de gemeente heeft gekregen, wordt de maatwerkvoorziening ingetrokken en eventueel wordt tot terugvordering overgegaan. Als het nodig is kan de gemeente extern advies vragen over de wenselijkheid en noodzaak van het verblijf in het buitenland. Bij verleende toestemming dient de hoogte van het persoonsgebonden budget heroverwogen te worden. Een maximale termijn van 13 weken wordt aangehouden als termijn dat in het buitenland verbleven kan worden met een persoonsgebonden budget. Na 13 weken wordt de beslissing voor de maatwerkvoorziening ingetrokken. De eisen uit de wet, verordening en deze beleidsregels gelden ook voor besteding van het persoonsgebonden budget in het buitenland, denk daarbij bijvoorbeeld aan de kwaliteit van dienstverlening en verantwoording van het persoonsgebonden budget. De hoogte van het persoonsgebonden budget in het buitenland wordt afgestemd op het land waar de cliënt tijdelijk verblijft. De hoogte van het persoonsgebonden budget wordt her-berekend aan de hand van de aanvaardbaarheidspercentages zoals genoemd in het Wlz-kompas persoonsgebonden budget van het Zorginstituut Nederland. De hoogte van het persoonsgebonden budget geldt voor materiële en immateriële voorzieningen. Het recht op persoonsgebonden budget vervalt per definitie als de cliënt geen hoofdverblijf meer heeft in de gemeente Borne.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel