Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK › Paragraaf

Artikel 6:1

Voorwerpen op of aan de weg, terrassen

Onderdeel van Verordening Leefomgeving Midden-Drenthe 2024

1.. Het is verboden de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan, als dat gebruik: schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren of hinderen, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg, of niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. 2.. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer niet ten minste een vrije doorgang van 1.00 meter breedte wordt gelaten op voetpaden en van 1.20 meter breedte per richting op de rijbaan voor fietsers dan wel 3.20 meter op de rijbaan voor gemotoriseerd verkeer. 3.. Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, uitstallingen, spandoeken en reclameborden. 4.. Het bevoegde bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod. 5.. Het verbod is niet van toepassing op: evenementen; standplaatsen als bedoeld in artikel 4:1, en overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. 6.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel