4.17.2.1 ALGEMEEN
In de Waterwet en de Keur van waterschappen is geregeld dat de aangrenzende percelen van watergangen een ontvangstplicht hebben. Voorafgaand aan het verspreiden van de onderhoudsbaggerspecie over het aangrenzend perceel moet de kwaliteit van de baggerspecie worden getoetst. Bij de normstelling van deze toets wordt rekening gehouden met de milieueffecten van meerdere stoffen tegelijk. De Maximale Waarden voor het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie op aangrenzende percelen zijn opgenomen in tabel 2 uit bijlage B van de Regeling. De normstelling is geschematiseerd in figuur 4.2. In bijlage 1 onder het kopje ‘aangrenzend perceel’ is nader ingegaan op de definitie van ‘aangrenzend perceel’.
Figuur 4.2. Normstelling voor verspreiding van baggerspecie over aangrenzende percelen.
Voor het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie over aangrenzende percelen gelden de volgende algemene voorwaarden:
Er hoeft niet te worden getoetst aan de kwaliteit van de ontvangende bodem.
De verspreiding over aangrenzende percelen hoeft niet te worden gemeld.
Gebiedsspecifiek beleid van de gemeenten bij het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie zijn:
Voor onderhoudsbaggerspecie waarvan de kwaliteit voldoet aan de kwaliteitseisen uit tabel 3b van de Regeling bodemkwaliteit 2022[29] én aan de interventiewaarden droge bodem geldt de ontvangstplicht.
Voor onderhoudsbaggerspecie van watergangen in door de provincie of gemeente aangewezen natuurgebieden geldt dat deze alleen op een direct aangrenzend perceel van de watergang mag worden verspreid.
Voor onderhoudsbaggerspecie van andere watergangen geldt dat
Deze alleen mag worden verspreid op een perceel dat grenst aan dezelfde watergang.
Door ruimtegebrek of als geen verspreidingsmogelijkheden zijn op aangrenzende percelen, dan mag de onderhoudsbaggerspecie worden verspreid tot ten hoogste 10 kilometer van de plaats van herkomst; gemeentegrensoverschrijdend verspreiden van onderhoudsbaggerspecie is dus mogelijk. Voorwaarden hierbij zijn:
De baggerspecie wordt toegepast op landbouwgronden.
De perceeleigenaar van de ontvangende bodem heeft toestemming gegeven.
Voor verdere informatie over het verspreiden van baggerspecie op de landbodem onder de Omgevingswet wordt hier volstaan met een verwijzing naar de ‘factsheet verspreidingsbeleid’[30].
Ook mag maximaal 5 gewichtsprocent aan bijmenging van bodemvreemd materiaal (chemisch inert, zoals puinbrokjes, stukjes hout, stukjes ijzer, e.d.) en 0,1 volume- of gewichtsprocent aan ander bodemvreemd materiaal (bijvoorbeeld vuilnis, industrieafval, plastic, piepschuim, asfalt, slakken, sintels, grote stukken puin etc.) in de toe te passen grond aanwezig zijn (zie § 4.4).
4.17.2.2 REALISATIE WEILANDDEPOTS
Voor weilanddepots, een vorm van tijdelijke opslag van baggerspecie, gelden aanvullende landelijke eisen:
De kwaliteit van de baggerspecie moet voldoen aan de Maximale waarden voor verspreiding over aangrenzende percelen.
De tijdelijke opslag mag maximaal drie jaar duren.
De tijdelijke opslag met de voorziene duur en eindbestemming wordt vijf dagen van tevoren gemeld.
De tijdelijk opgeslagen baggerspecie mag vanaf het weilanddepot:
In een nuttige toepassing worden gebracht, waarbij verspreiding van baggerspecie in een oppervlaktewaterlichaam is uitgezonderd als nuttige toepassing.
Ter plaatse worden gebruikt ter verbetering van de bodemgesteldheid.
De gemeenten stellen voor weilanddepots de volgende aanvullende eisen:
Een weilanddepot mag na indrogen niet opnieuw worden gevuld.
Een weilanddepot mag binnen tien jaar niet op dezelfde plaats worden aangelegd. Dit om het risico op accumulatie van verontreiniging op één plaats te voorkomen.
Ook mag maximaal 5 gewichtsprocent aan bijmenging van bodemvreemd materiaal (chemisch inert, zoals puinbrokjes, stukjes hout, stukjes ijzer, e.d.) en 0,1 volume- of gewichtsprocent aan ander bodemvreemd materiaal (bijvoorbeeld vuilnis, industrieafval, plastic, piepschuim, asfalt, slakken, sintels, grote stukken puin etc.) in de toe te passen grond aanwezig zijn (zie § 4.4).
4.17.2.3 VERSPREIDEN PFAS-HOUDENDE ONDERHOUDSBAGGERSPECIE OP HET AANGRENZEND PERCEEL EN TIJDELIJKE OPSLAG IN WEILANDDEPOT
Voor het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie uit watergangen op aangrenzende percelen of in een weilanddepot (artikel 35, onder f, Besluit) gelden de normen voor het verspreiden van onderhoudsbaggerspecie uit het Handelingskader hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie:
PFOA: 7 µg/kg ds.
Alle overige PFAS-verbindingen: 3 µg/kg ds.
Omdat de baggerspecie in een watergang daarin door afspoeling van grond van de aangrenzende terreinen is terechtgekomen, zal de baggerspecie over het algemeen dezelfde kwaliteit hebben als de landbodem waarop de baggerspecie wordt toegepast. Daarom is het bij al uitgevoerde onderzoeken het niet altijd nodig om de kwaliteit van de baggerspecie te bepalen. Wel wordt aangeraden om bij nieuw uit te voeren waterbodemonderzoek een aantal representatieve metingen te doen om te controleren of er geen sprake is van onverwacht hoge waarden van PFAS-verbindingen in de baggerspecie. Dit kan duiden op een voor de watergang niet-representatieve verontreiniging als gevolg van een puntbron. Door het toepassen van baggerspecie waarin uitschieters van PFAS-verbindingen zijn aangetroffen, zal de bestaande bodemkwaliteit verslechteren. Deze lokaal sterker verontreinigde baggerspecie mag daarom niet worden toegepast.
Voor onderzoeken naar de kwaliteit van baggerspecie die na 8 juli 2019 (de datum waarop het Handelingskader hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie van kracht werd) zijn uitgevoerd, is het wenselijk om ook op PFAS-verbindingen te analyseren. Als een partij baggerspecie op basis van de overige stoffen is gekwalificeerd in de bodemkwaliteitsklasse A, dan moeten aanvullend de PFAS-gehalten worden bepaald. Dit is niet nodig als een waterbeheerder - in afstemming met gemeenten en/of omgevingsdiensten – heeft aangetoond dat de PFAS-gehalten in de baggerspecie in zijn beheergebied ruimschoots aan de gemeentelijke/regionale toepassingswaarden voldoen.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.17
Artikel 4.17.2
VERSPREIDEN ONDERHOUDSBAGGERSPECIE OVER EEN AANGRENZEND PERCEEL EN REALISATIE WEILANDDEPOTS
Onderdeel van Nota Bodembeheer 2023-2033