**1..** Bij het oprichten van een nieuw hoofdgebouw op een perceel geldt dat:
hemelwater in beginsel op eigen terrein wordt opgevangen en vertraagd wordt afgevoerd;
grondwater in beginsel op eigen terrein wordt verwerkt;
indien afhandeling volgens lid 1a en/of lid 1b in redelijkheid niet mogelijk is en het betreffende perceel aan het oppervlaktewater grenst, het hemel- en/of grondwater hierop moet worden geloosd;
in afwijking van lid 1c het hemel- en/of grondwater gescheiden van het overige afvalwater moet worden aangeleverd aan de perceelgrens, als het in redelijkheid niet op eigen terrein kan worden verwerkt en niet op het oppervlaktewater mag worden geloosd.
**2..** Bij het veranderen van een bestaand hoofdgebouw op een perceel geldt dat het college een gebied kan aanwijzen waarbinnen het verboden is een hemelwaterafvoerleiding aan te sluiten of aangesloten te houden op het openbaar vuilwaterriool.
Eenzelfde gebiedsaanwijzing kan door het college worden gedaan ten aanzien van het vrijkomende grondwater bij drainage, oppompen of andere vormen van onttrekkingen.
**3..** Indien het college een gebied als bedoeld in het tweede lid aanwijst geldt dat:
het college de wijze waarop het afkoppelen plaatsvindt kan bepalen;
het college bij het vaststellen van de gebiedsaanwijzing rekening houdt met het gemeentelijk rioleringsplan of programma stedelijk water en riolering;
de gebiedsaanwijzing treedt met ingang van de 12e week na de dag waarop zij bekend is gemaakt;
het college kan ontheffing kan verlenen van de verplichting tot afkoppelen die voortvloeit uit de gebiedswijziging, indien van de eigenaar van het bouwwerk, open erf of terrein redelijkerwijs geen andere wijze van afvoer van het hemelwater kan worden gevergd;
op de voorbereiding van de gebiedsaanwijzing is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is.
**4..** Op riolering onder druk mag geen hemelwater en/of grondwater worden aangesloten. Riolering onder druk kan daarmee worden beschouwd als een aangewezen gebied als bedoeld in het tweede lid.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 5.5
Artikel 5.23
Plicht tot afkoppelen
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Medemblik 3e tranche