Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2.

Artikel 2.2.3.

Toegang jeugdhulp via de gemeente

Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Meppel

1.. Voor jeugdigen of ouders met een hulpvraag zijn algemene voorzieningen vrij toegankelijk. 2.. Een aanvraag voor een individuele voorziening kan schriftelijk, voorzien van een handtekening, worden ingediend bij het college. 3.. Het college legt de te verlenen individuele voorziening, dan wel het afwijzen daarvan, vast in een beschikking. 4.. De jeugdige of zijn ouders moeten zich binnen 3 maanden na de besluitdatum hebben gemeld bij een jeugdhulpaanbieder of zijn gestart met de besteding van het PGB aan het doel waarvoor het is verstrekt. 5.. Het college wijst de jeugdige en/of zijn ouder op de mogelijkheid gebruik te maken van onafhankelijke cliëntondersteuning. 6.. Buiten kantoortijden zet Spoed4Jeugd, indien dit aan de orde is, passende spoedhulp in. 7.. Het college stelt het recht op jeugdhulp vast na een schriftelijke aanvraag. 8.. Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 9.. Een gespreksverslag kan, als er een handtekening op staat, dienen als schriftelijke aanvraag. 10.. Als de aanvraag betrekking heeft op kosten voor jeugdhulp die de jeugdige of ouder voorafgaand aan de aanvraag heeft gemaakt, kan het college hier slechts een individuele voorziening voor verstrekken: als op het moment van de aanvraag nog steeds sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen, psychische problemen of stoornissen waarvoor de hulp is ingezet, en; voor zover het college de noodzaak en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan beoordelen. 11. . De voorziening als bedoeld in lid 10 kan slechts betrekking hebben op gemaakte kosten over een periode van maximaal 3 maanden vóór de aanvraag.

Rechtspraak bij dit artikel