**1..** Als advies wordt ingewonnen bij een adviescommissie, informeert het college de aanvrager.
**2..** Naast de aanvrager worden - voor zover van toepassing - ook geïnformeerd en betrokken:
degene die de activiteit verricht en met wie een overeenkomst als bedoeld in artikel 13.3c, eerste lid, van de Omgevingswet is gesloten, en
als sprake is van een schadeveroorzakend besluit naar aanleiding van een aanvraag, zoals geregeld in artikel 13.3d van de Omgevingswet, de aanvrager van dat besluit of degene die de toegestane activiteit verricht, tenzij:
de schadevergoeding redelijkerwijze voor rekening behoort te blijven van het bestuursorgaan, of
de schadevergoeding voldoende op een andere manier is verzekerd.
**3..** Voordat het college de opdracht tot advisering geeft, stelt het college de aanvrager en de andere belanghebbenden schriftelijk op de hoogte van de voorgenomen aanwijzing van een adviescommissie als bedoeld in artikel 10. Hierbij wordt gelijktijdig mededeling gedaan dat de beslistermijn genoemd in artikel 4:130, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht – op grond van het tweede lid van dat artikel – met zes maanden wordt verlengd.
**4..** De aanvrager en andere belanghebbenden kunnen binnen twee weken - na de mededeling als bedoeld in het derde lid - schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van een of meer leden van de adviescommissie bij het college indienen.
**5..** Het college beslist binnen twee weken na het verstrijken van de in het tweede lid bedoelde termijn over een ingediend verzoek tot wraking.
Hoofdstuk 4.
Artikel 9.
Betrokkenheid aanvrager en overige belanghebbenden bij aanwijzing adviescommissie
Onderdeel van Beleidsregel nadeelcompensatie Afd. 15.1 Omgevingswet Zandvoort 2024