Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1

De voorziening en de aanvraag

Onderdeel van Verzamelverordening Inkomensondersteuning, re-integratie en participatie 2023

1.. Het noodfonds wordt beheerd door het college en wordt hierbij bijgestaan door een adviescommissie. 2.. Het noodfonds is bedoeld voor inwoners met een inkomen op het sociaal minimum die vanwege onverwachte kosten in een financiële noodsituatie verkeren. Zij kunnen een aanvraag indienen voor een financiële tegemoetkoming van in beginsel maximaal € 2.000,-. Ook kunnen zij om borgstelling vragen voor het sluiten van een lening bij de Stadsbank. De borgstelling wordt in beginsel verleend voor maximaal € 3.000,-. 3.. Bij de beoordeling van de aanvraag is niet alleen de draagkracht van de aanvrager van belang, maar ook diens betalingscapaciteit. 4.. Het college wijst een aanvraag in beginsel af als: er in het kalenderjaar een eerdere aanvraag voor het noodfonds is toegekend; een beroep op een andere voorziening mogelijk is; het een bijdrage van fiscale aard betreft; de financiële noodtoestand is veroorzaakt door verwijtbaar gedrag van de aanvrager. 5.. Het college hoort de adviescommissie over de aanvraag en neemt binnen vier weken na de aanvraagdatum een besluit.

Rechtspraak bij dit artikel