Naar hoofdinhoud

Artikel 11.

Weigeringsgronden

Onderdeel van Subsidieregeling Atelierfonds Tilburg 2024 – 2026

Subsidieverlening kan naast de in de artikelen 4:25 en 4:35 Awb en artikel 9 van de ASVT geregelde gevallen ook (deels) geweigerd worden indien: Een organisatie geen aantoonbare expertise heeft op het beheer en exploiteren van een ateliercomplex; Niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; De aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; Uit de financiële beoordeling blijkt dat de organisatie financieel ongezond is kijkend o.a. naar liquiditeit, solvabiliteit, exploitatieresultaat, ontwikkeling van deze ratio’s in de tijd en de uitleg door de subsidieaanvrager over de financiële gezondheid; Uit de financiële beoordeling blijkt dat het aangevraagde subsidiebedrag hoger is dan hetgeen noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteiten; De activiteiten in de aanvraag niet in verhouding staan tot de mate van vergroting van de beschikbare ateliervoorraad of de verbetering van de functionaliteit van (een) atelier(s) ten behoeve van de in de aanvraag opgenomen doelgroep; Er naar het oordeel van het college al voldoende aanbod is dat in de vraag voorziet; Het door het college vastgestelde subsidieplafond bereikt is;

Rechtspraak bij dit artikel