Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5.

Aanvraag

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Amsterdam januari 2024

(artikel 2.4 Wmo-verordening 2015) Op de aanvraag zal in beginsel binnen twee weken een besluit (beschikking) genomen moeten worden. Deze termijn is relatief kort omdat het voorwerk al in het onderzoek als hierboven beschreven is gebeurd. Onder omstandigheden kan het zo zijn dat er nader onderzoek gedaan moet worden naar bijvoorbeeld de specifieke aandoening en daardoor veroorzaakte beperkingen, om de juiste maatwerkvoorziening te bepalen. In dat geval kan de beslistermijn op grond van de Algemene wet bestuursrecht worden verlengd. De gemeente schakelt in dat soort gevallen in principe een onafhankelijk adviesorgaan in. Zodra tijdens het onderzoek naar aanleiding van de melding blijkt dat mogelijk sprake zal zijn van een (aanvraag voor een) maatwerkvoorziening, kan ook in die fase al dit externe adviesorgaan ingeschakeld worden, opdat de afhandelingstermijn zo kort mogelijk is en er geen onnodige bureaucratie ontstaat. De aanvraag voor een maatwerkvoorziening moet in beginsel schriftelijk worden ingediend, maar kan voor sommige voorzieningen ook mondeling of digitaal worden ingediend. Op dit moment is de mondelinge aanvraag mogelijk voor Aanvullend Openbaar Vervoer, begeleid thuis, indien dit gepaard gaat met een wooncomponent, en beschermd verblijf. Als de cliënt zijn maatwerkvoorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget (Pgb) voor aanvullende individuele ondersteuning, begeleid thuis, dagbesteding, hulp bij het huishouden of logeeropvang wil aanvragen, dan moet hij hiervoor aanvullende gegevens aanleveren. Het gaat om de volgende stukken: een Pgb-plan, waarin de cliënt motiveert waarom hij een Pgb wenst en aangeeft door wie de ondersteuning geleverd zal worden; een zorgplan, waarin de betrokken hulpverlener aangeeft welke bijdrage hij levert aan de doelen van de cliënt; een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) van de betrokken hulpverlener, tenzij de hulpverlener een familielid, tot in de vierde graad, is van de cliënt. Een aanvraag voor een financiële tegemoetkoming meerkosten moet door een cliënt digitaal of schriftelijk worden ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel