Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7: › Afdeling 7.3

Artikel 53:

Wederzijdse verantwoordelijkheden

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Uitvoeringsorganisatie Laborijn

1.. Uitvoeringsorganisatie Laborijn is gehouden redelijkerwijs al het mogelijke te doen om de uittredingskosten zo laag mogelijk te houden. Het voorgaande behoeft niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de deelnemer. 2.. De vertegenwoordiger van de uittredende deelnemer in het algemeen bestuur houdt gedurende de periode vanaf het besluit tot uittreding tot de daadwerkelijke uittreding bij de beraadslaging in en besluitvorming door het algemeen bestuur rekening met de belangen van de Uitvoeringsorganisatie Laborijn zoals deze zich kunnen voordoen vanaf het moment van daadwerkelijke uittreding. Indien nodig onthoudt deze vertegenwoordiger zich van beraadslaging en besluitvorming, tenzij dit strijdig is met de belangen van zijn gemeente. 3.. De uittredende deelnemer is gehouden zich in te spannen om de formatie van het openbaar lichaam die als gevolg van de uittreding boventallig is geworden met behoud van arbeidsvoorwaarden in dienst te nemen of anderszins in stand te doen houden. De waarde van de formatie die de uittredende partij overneemt van de Uitvoeringsorganisatie Laborijn wordt gekapitaliseerd en in mindering gebracht op de uittreedsom. 4.. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op alle andere verplichtingen van de Uitvoeringsorganisatie Laborijn die als gevolg van de uittreding overtollig zijn geworden dan wel verminderd of beëindigd dienen te worden.

Rechtspraak bij dit artikel