**1..** Naast de in artikel 1.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening genoemde definities wordt in deze regeling verstaan onder:
bedrijfsvaartuig: elk vaartuig met inbegrip van drijvende werktuigen, dat is ingericht of bestemd voor de uitoefening van een bedrijf, met uitzondering van een vaartuig, waarop -al dan niet tegen betaling- aan groepen van personen de mogelijkheid wordt geboden ter ontspanning daarop te vertoeven en daarmee boottochten te maken;
dag: kalenderdag
ligplaats: plaats ingericht of gebruikt om er met een vaartuig ligplaats te hebben;
ligplaats hebben: het voor anker liggen, het gemeerd hebben of op enigerlei andere wijze met de vaste grond verbonden hebben van een vaartuig;
recreatievaartuig: elk vaartuig, niet zijnde een woonschip of een bedrijfsvaartuig met dien verstande, dat onder een recreatievaartuig ook wordt verstaan een vaartuig, waarop -al dan niet tegen betaling- aan groepen van personen de mogelijkheid wordt geboden ter ontspanning daarop te vertoeven en daarmee boottochten te maken;
vaartuig : onder vaartuig wordt in ieder geval verstaan:
een vaartuig dat tijdelijk of blijvend de mogelijkheid en/of geschiktheid om te varen of te drijven heeft verloren;
wrakken van vaartuigen;
een vaartuig, dat in aanbouw is, een casco, dat kan worden af- en opgebouwd tot vaartuig.
woonschip: elk vaartuig, dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebezigd als, of te oordelen naar zijn constructie en/of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd tot, dag- en/of nachtverblijf van één of meer personen;