4.2.1 We zorgen dat iedereen kan meedoen in de samenleving ook als er sprake is van een handicap, en we bestrijden discriminatie.
Na de ratificatie door Nederland van het VN-Verdrag Rechten voor mensen met een handicap is aan de Jeugdwet, Wmo en Participatiewet de verplichting toegevoegd om in een periodiek plan op te nemen hoe de gemeenteraad uitvoering geeft aan het verdrag. Het gaat hier om alle soorten handicaps die mensen kunnen beperken in het meedoen in de samenleving; zowel om lichamelijke als mentale (psychische en verstandelijke) beperkingen en chronische ziekten. Vaak wordt bij het begrip inclusie ook gedoeld op andere groepen die om verschillende redenen worden uitgesloten van volwaardige deelname aan de samenleving, denk aan leeftijd, etnische herkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit. Ook deze kunnen worden meegenomen bij het opstellen van een inclusie agenda.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
Bij de activiteiten die in de brede sociale basis georganiseerd worden speelt afkomst geen enkele rol. Bij het Opbouwwerk wordt ongeveer 50% van de deelnemers uiteindelijk vrijwilliger. Dat betekent dat iedereen kan meedoen en dat degenen die meedoen andere enthousiasmeren om meer mee te doen.
Wat betekent dit voor de gemeente?
Om uitvoering te geven aan het VN-verdrag zijn in 2021 en 2022 in Opmeer toegankelijkheidstoetsen uitgevoerd bij gebouwen. Deze toegankelijkheidsinformatie is in de app Ongehinderd terug te vinden en helpt mensen met een beperking om zelfstandig deel te nemen aan de maatschappij. Verder draagt Opmeer bij aan de Antidiscriminatie voorziening in Noord Holland Noord (Art. 1) en zijn er activiteiten in de jaarlijkse regenboogweek. Voor de periode 2023-2026 wordt een lokale inclusieagenda opgesteld waarmee deze en andere activiteiten worden geoptimaliseerd.
4.2.2 We bestrijden laaggeletterdheid.
In Opmeer is de laaggeletterdheid vrijwel gelijk aan het landelijke (hoge) gemiddelde van 12% van de inwoners tussen 16 en 65 jaar. Laaggeletterdheid heeft in de moderne samenleving een enorme impact. Het gebruik van digitale middelen wordt erdoor belemmerd waardoor laaggeletterden grote informatieachterstand kunnen hebben bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid. De kans is groot dat men minder zelfredzaam is, minder sociaal actief, en moeilijker betaald werk kan vinden. De gemeente kan eraan bijdragen dat zorgverleners deze mensen herkennen en hun communicatie, informatiemateriaal en begeleiding zo aanpassen dat die beter aansluit bij de patiënt of cliënt.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
Er zijn vrijwilligersprojecten voor onder andere laaggeletterden. Zo helpt het Taalhuis Westfriesland, onderdeel van Vrijwilligerspunt, iedereen die moeite heeft met de basisvaardigheden lezen, schrijven, spreken, rekenen en digitale vaardigheden.
Wat betekent dit voor de gemeente?
Met ingang van 1 januari 2020 hebben gemeenten een grotere regierol gekregen bij de aanpak van laaggeletterdheid. In het nog door de raad vast te stellen regionale beleidskader ‘Westfriese aanpak laaggeletterdheid’ worden de kaders geschetst waarbinnen de zeven Westfriese gemeenten de aanpak van laaggeletterdheid en basisvaardigheden verder vormgeven. Na vaststelling van het beleidskader wordt het regionaal uitvoeringsplan opgesteld waarin lokale wensen worden opgenomen en meer de verbinding wordt gezocht met andere beleidsterreinen of samenwerkingspartners. In Opmeer wordt bijvoorbeeld een laagdrempelig taalpunt gerealiseerd in Wijksteunpunt de Lindenhof en/of de Bibliotheek.
4.2.3 We zorgen dat nieuwkomers optimaal kunnen inburgeren.
De nieuwe Wet inburgering is op 1 januari 2022 in werking getreden. De nieuwe wet vraagt van gemeenten dat zij de regie pakken op het inburgeringaanbod en daarin vernieuwingen aanbrengen die bijdragen aan een geslaagde inburgering. Het doel van de wet is om inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk te laten meedoen in de Nederlandse samenleving, het liefst met betaald werk. Dit betekent dat er voor iedere inburgeraar een kwalitatief goed passende leer-en/of werkroute is, waarmee zij naar vermogen kunnen participeren en integreren.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
Via vrijwilligerswerk zoals Taalmaatjes worden nieuwkomers geholpen met taal.
Door actief mee te doen bij de activiteiten van het Opbouwwerk ontstaat er interactie en wordt tijdens de activiteiten de taal geleerd.
Wat betekent dit voor de gemeente?
In december 2020 is het Westfries beleidskader voor inburgering vastgesteld. Centraal doel in het plan is dat inburgeraars, net als alle andere inwoners, op eigen kracht verder kunnen. De inburgeringstaken worden uitgevoerd door een Regionaal inburgeringsteam (RIT). Dit is een samenwerking tussen de zeven Westfriese gemeenten en WerkSaam. De wet inburgering die per 1 januari 2022 van kracht is er op gericht om inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk te laten meedoen in Nederland en dat ze daarnaast zo snel mogelijk werk vinden. De gemeente begeleidt inburgeringsplichtige nieuwkomers bij hun inburgering.
4.2.4 We zorgen dat kwetsbare inwoners dichter bij huis ondersteund kunnen worden.
Onder kwetsbare inwoners verstaan we inwoners die het moeilijk vinden om (al dan niet tijdelijk) de weg te vinden in onze huidige complexe maatschappij. Meer specifiek gaat het om mensen die opvang nodig hebben omdat ze dakloos zijn en/of verslaafd of door ggz problematiek zijn aangewezen op een vorm van beschermd wonen of andere voorzieningen
Wat betekent dit voor de gemeente?
Met ingang van 2022 wordt de verantwoordelijkheid voor beschermd wonen verlegd van centrumgemeenten naar individuele gemeenten. Een eerste stap in de gehele doordecentralisatie van Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang (voorzien per 2026) naar de individuele gemeenten is hiermee gezet. Het doel is om inwoners met een psychische kwetsbaarheid meer in de eigen gemeente op te vangen. Als inwoners in de wijk wonen hebben ze een grotere kans op participatie in de gemeenschap. Op deze manier kan er beter aangesloten worden bij de lokale situatie en zijn er meer mogelijkheden om preventief te werken.
4.2.5 We zorgen dat inwoners dichterbij actief kunnen meedenken in de voorfase van projecten en besluitvorming
De Omgevingswet treedt naar verwachting op 1 juli 2023 in werking. Onder de Omgevingswet wordt gestreefd naar een bredere participatie van burgers en bedrijven in het voortraject als het gaat om het vormgeven van de fysieke leefomgeving. Het doel is dat de inzet op vroegtijdige publieksparticipatie zal leiden tot besluitvorming met een groter draagvlak.
Niet alleen via de Omgevingswet, maar ook door burgerparticipatie via burgerpanels gaan inwoners meer en eerder betrokken worden.
Infrastructurele projecten hebben vaak een directe link met het sociaal domein. Toekomstige gebruikers van de projecten kunnen cliënt/patiënt/belanghebbende zijn.
Ook zetten we in op participatie via het online platform via MijnBuurtje (Opmeerleeft.nl). De aanpak is gericht op het ontwikkelen van actieve betrokken buurten en gemeenschappen waar mensen elkaar beter en meer kunnen vinden. Door meer (nieuwe) ontmoetingen en sociale participatie ontstaat een actievere buurt en wordt ‘zorg’ en de daarmee samenhangende kosten voorkomen. Om dit te bereiken is het nodig dat mensen elkaar beter kunnen vinden en dat er meer verbindingen ontstaan.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
Dorpsraden, cliëntenorganisaties en verenigingen kunnen in de voorfase nadrukkelijker hun stem laten horen en actief meedenken over praktische en pragmatische invullingen bij projecten. Als ervaringsdeskundigen en eindgebruikers hebben zij een groot belang dat projecten op een voor hun leefbare, gebruiksvriendelijke, toegankelijke en praktische manier worden ontworpen.
Wat betekent dit voor de gemeente?
De gemeente gaat zich erop richten om op een zo toegankelijk mogelijke manier inwoners ruimte te bieden om hun inbreng te geven.
4.2.6 We investeren in wijksteunpunten
Een breed aanbod aan algemene voorzieningen draagt bij aan een sterke en sociale samenleving. Wijksteunpunten en dorpshuizen kunnen daarbinnen een belangrijke functie hebben voor alle inwoners en specifiek voor degenen die een steuntje in de rug nodig hebben. Denk aan het voorkomen van sociaal isolement, lotgenoten contact, langer zelfstandig blijven wonen en zo actief mogelijk blijven meedoen. De wijkvoorzieningen bieden een kans voor het preventief benaderen van maatschappelijke uitdagingen met een sterk en samenhangend activiteitenaanbod door de hele gemeente. De mogelijkheden zijn eindeloos: een inloop van de GGZ, een Taalcafé, Taalmaatjesprojecten, activiteiten voor mantelzorgondersteuning, een spreekuur voor laaggeletterdheid, de formulierenbrigade, meer bewegen voor ouderen, cognitieve fitness, lotgenoten contactgroepen, etc.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
De wijksteunpunten vormen samen met de inwoners de ruggengraat van de wijk. Vrijwilligers kunnen er vrijwilligerswerk doen. Vereenzaming wordt door ontmoeting tegengegaan. Contacten bloeien op. Activiteiten worden georganiseerd.
Wat betekent dit voor de gemeente?
Het college onderzoekt de behoeftes van inwoners, professionals en de politiek ten aanzien van de invulling van de wijksteunpunten en andere wijkvoorzieningen. Dit zal leiden tot een voorstel voor een evenwichtig activiteitenaanbod, goede bereikbaarheid van de voorzieningen en professionele ondersteuning waar nodig
4.2.7 We ondersteunen vrijwilligerswerk
In Opmeer is het aantal inwoners dat vrijwilligerswerk doet relatief hoog maar net als in andere delen van Nederland is er sprake van een neerwaartse trend. De gemeente kan helpen om vrijwilligerswerk aantrekkelijk te maken en te houden. Vrijwilligerswerk is voor ieder dorp en iedere gemeente van zeer grote waarde. Door vrijwilligers wordt de leefbaarheid op allerlei gebieden vergroot (denk aan sport- en andere vrije tijdsverenigingen) en veel mensen kunnen dankzij vrijwilligers zelfstandig blijven wonen. Vrijwilligerswerk is niet alleen goed voor degenen die er baat bij hebben maar ook voor de vrijwilliger zelf. Uit onderzoek blijkt dat vrijwilligers gelukkiger en gezonder zijn dan mensen die geen vrijwilligerswerk doen.
Wat betekent dit voor de sociale basis?
In Opmeer wordt het vrijwilligerswerk ondersteund door twee opbouwwerkers. Zij organiseren onder meer het Platform Zorg & Welzijn voor ontmoeting en kennisuitwisseling. Voor het opleiden en coachen van gespecialiseerde zorgvrijwilligers kan een beroep gedaan worden op ondersteuning van Mee & de Wering. Opmeer toont waardering voor de vrijwilligers die in de gemeente actief zijn door een jaarlijkse kerstbijeenkomst met een presentje.
Wat betekent dit voor de gemeente?
In de periode 2023-2026 willen we een boost geven aan het vrijwilligerswerk in onze gemeente naar het voorbeeld van de campagne “Mensen maken Nederland”, de campagne van het Nationaal Jaar Vrijwillige Inzet in 2021 – een initiatief van vrijwilligersorganisaties uit het hele land gericht op het betrekken van nieuwe doelgroepen bij het vrijwilligerswerk in Nederland. We evalueren de bestaande activiteiten op dit terrein en gaan een stapje verder met praktische ondersteuning van vrijwilligersorganisaties, bijvoorbeeld door hulp bij het rekruteren van mensen. We tonen nóg meer waardering voor het vrijwilligerswerk.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.2
Kerndoel 2. Inwoners doen mee
Onderdeel van Nota Sociaal Domein 2023 - 2026, Samen op weg naar balans