Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2

Draagkracht uit inkomen

Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere bijstand en Minimabeleid Gemeente Sluis 2024

Bijzondere bijstand wordt verleend met inachtneming van de draagkracht uit het inkomen van de inwoner, conform artikel 31 lid 1 Pw. Het inkomen (inclusief vakantietoeslag) boven de 120% van de toepasselijke bijstandsnorm (als bedoeld in paragraaf 3.2 Pw) wordt volledig als draagkracht aangemerkt. In uitzondering op het tweede lid, wordt bij de bepaling voor het recht op bijzondere bijstand in kader van artikel 3.8 sociaal medische indicaties, geen inkomenstoets toegepast. In uitzondering op het tweede lid, wordt bij de bepaling voor het recht op bijzondere bijstand geen inkomenstoets toegepast indien de inwoner in een wettelijk of minnelijk schuldsaneringstraject zit. De middelen als bedoeld in artikel 31 lid 2 Pw, de individuele inkomenstoeslag en de individuele studietoeslag zoals bedoeld in de artikelen 36 en 36b Pw, alsook de jonggehandicaptenkorting voor personen jonger dan 27 jaar worden niet tot het inkomen gerekend. Bij inwoners verblijvende in een inrichting wordt de eigen bijdrage CAK inzake het verblijf in mindering gebracht op de inkomsten alvorens de draagkracht wordt vastgesteld (zak- en kleedgeldnorm artikel 23 Pw).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel