**1..** Begripsbepalingen woonkosten
huur: de per maand geldende rekenhuur als bedoeld in artikel 5 van de Wet op de huurtoeslag;
maximale huurgrens: de huurgrens volgens artikel 13, eerste lid van de Wet op de huurtoeslag
kosten eigen woning: de verschuldigde hypotheekrente ten hoogste tot het bedrag van de marktrente behorend bij een hypotheek van € 350.000, de in verband met het eigendom van de woning te betalen zakelijke rechten.
**2..** Woonkosten voor een huurwoning of gehuurde woonwagen.
Als de huur valt binnen de grenzen van de Wet op de huurtoeslag, maar belanghebbende krijgt door buiten zijn schuld gelegen omstandigheden (nog) geen huurtoeslag, dan kan het college een tijdelijke woonkostentoeslag verlenen ter hoogte van de huurtoeslag, als deze huurtoeslag wel zou zijn toegekend.
**3..** Woonkostentoeslag bij een woning in eigendom.
Voor de kosten van de door belanghebbende zelfbewoonde eigen woning die blijven binnen de grenzen van de Wet op de huurtoeslag voor huurwoningen met vergelijkbare kosten, kan een tijdelijke toeslag worden verleend ter hoogte van de huurtoeslag die bij een huurwoning met vergelijkbare kosten zou gelden.
**4..** Woonkosten boven de maximale huurprijs.
Als de woonkosten (huur of eigen woning) hoger zijn dan het maximale huurbedrag waarvoor op grond van de Wet op de huurtoeslag toeslag kan worden verleend, kan een tijdelijke woonkostentoeslag worden verleend.
De onder a. bedoelde toeslag wordt in geval van een huurwoning in beginsel voor maximaal een jaar toegekend met de verplichting dat belanghebbende naar vermogen tracht goedkopere woonruimte te vinden. Verlenging van de periode van een jaar wordt individueel beoordeeld en is afhankelijk van de inspanningen van belanghebbende.
De onder a. bedoelde toeslag voor een door belanghebbende zelf bewoonde woning wordt verleend onder de verplichting dat belanghebbende zijn volledige medewerking geeft bij de verkoop van de woning.
De onder lid 4a verleende toeslag wordt jaarlijks beoordeeld, waarbij het gedrag en de medewerking van belanghebbende bepalend is voor een verdere verstrekking van deze toeslag.
**5..** De onder het tweede, derde en vierde lid onder sub a bedoelde toeslag, is het verschil tussen de werkelijke woonkosten en het maximale bedrag dat een persoon met een vergelijkbaar inkomen in het kader van de Wet op de huurtoeslag wordt geacht te kunnen bijdragen aan huurlasten.
**6..** De onder vierde lid bedoelde toeslag bestaat uit het bedrag wat iemand aan toeslag zou ontvangen op basis van een huur gelijk aan de maximale huurgrens en het bedrag aan huur wat de maximale huurgrens te boven gaat.
Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2
Artikel 11
Woonkostentoeslagen
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen 2024 Gemeente Beverwijk