1. Een persoonsgebonden re-integratiebudget kan naast de in artikel 4:25 jo 4:35 Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen worden geweigerd indien gegronde redenen bestaan aan te nemen, dat:
a. de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor een prb beschikbaar wordt gesteld;
b. het door het college vastgestelde budgetplafond is bereikt;
c. het verstrekken van een prb niet past binnen het beleid van de gemeente.
Mocht uit de voortgang blijken dat verplichtingen niet worden nagekomen kan een sanctie worden opgelegd.
Hoofdstuk
Artikel 5.
Weigeringsgronden
Onderdeel van Beleidsregels Persoonsgebonden Re-integratiebudget Maastricht-Heuvelland