Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.9.2

Niet, niet tijdig, niet volledig en/of niet juist

Onderdeel van Uitvoeringsbeleid kwaliteit vergunningen, toezicht en handhaving Omgevingsrecht 2024 gemeente Eersel

Wanneer niet, niet tijdig, niet volledig en/of niet juist is voldaan aan de 2 vereiste meldingsplichten (bouw- en gereedmelding) kunnen er vanuit de gemeente toezicht- en/of handhavingstaken uitgevoerd worden. Wanneer de meldingen niet, niet tijdig, niet volledig en/of niet juist zijn wordt daar als volgt mee omgegaan: Bouw- of gereedmelding is onvolledig Als de bouw- of gereedmelding onvolledig is, dan wordt de melding geacht niet te zijn gedaan. De initiatiefnemer wordt op de hoogte gesteld van een onvolledige melding, met het verzoek een volledig nieuwe melding in te dienen (niet aanvullen). Er is een bouwverbod of een verbod tot ingebruikname, zolang de gemeente niet heeft bevestigd dat de melding volledig is. Wanneer geconstateerd wordt dat er wel een omgevingsplanactiviteit is vergund, maar een (volledige) bouwmelding ontbreekt en er toch gestart wordt met de bouwwerkzaamheden of het pand in gebruik genomen wordt zonder (volledige) gereedmelding, wordt handhavend opgetreden. Bij het starten van de bouwwerkzaamheden zonder (volledige) melding wordt een bouwstop opgelegd, vergezeld van een voorgenomen last onder dwangsom. Wanneer een pand in gebruik wordt genomen zonder dat een gereedmelding is gedaan, inclusief dossier bevoegd gezag, of als wel een gereedmelding is gedaan en die, of het daarbij horend dossier bevoegd gezag, is nog niet volledig, wordt een voorgenomen last onder dwangsom opgelegd, om in gebruikname te staken tot de gereedmelding alsnog (volledig) is gedaan. Daarnaast wordt als het dossier bevoegd gezag niet direct volledig wordt ingediend alsnog een inhoudelijke beoordeling van het dossier gemaakt en kan de gemeente als het dossier daar aanleiding toe geeft een controle ter plaatse uitvoeren. Niet voldaan aan informatieplicht Er worden door de gemeente geen toezichts- of handhavingstaken uitgevoerd wanneer de gemeente niet wordt geïnformeerd over de startdatum van de bouwwerkzaamheden of beëindiging van de bouwactiviteiten. Voor de BAG-registratie houdt de gemeente, bij het niet voldoen aan de informatieplicht, de start en beëindiging zelf in de gaten op basis van verplichte meldingen. Bouwen zonder kwaliteitsborger Wanneer geconstateerd wordt dat er bouwwerkzaamheden plaatsvinden zonder dat een kwaliteitsborger is aangesteld, wordt een bouwstop opgelegd, vergezeld van een voorgenomen last onder dwangsom. Twijfels over kwaliteit Bij concrete twijfels over de prestatie van de aangestelde kwaliteitsborger wordt door de gemeente een melding gedaan bij de instrumentaanbieder (de eerstelijns toezichthouder op de kwaliteitsborger). Als daar onvoldoende respons uit volgt wordt door de gemeente een melding gedaan bij de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw. Bij concrete twijfels over de kwaliteit van de bouw, vraagt de gemeente in eerste instantie per brief extra informatie op bij de initiatiefnemer. Dit mag de gemeente doen op basis van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2.20 van het Bbl. Pas als de gemeente niet tevreden is met de reactie hierop (of er komt geen reactie), gaat de gemeente over tot fysiek toezicht. Dit kan uiteindelijk resulteren in handhavend optreden door het (gedeeltelijk) stilleggen van de bouw (bij moeilijk onomkeerbare werk zoals een constructie) of het nemen van een besluit met verbod op ingebruikname van het bouwwerk. Gelijkwaardige voorziening of geen gevolgklasse 1 Als een kwaliteitsborger constateert dat een bouwwerk niet voldoet aan de definitie van gevolgklasse 1 dan kan de kwaliteitsborger het project niet uitvoeren en wordt dit meegedeeld aan de initiatiefnemer. In dat geval moet de initiatiefnemer bij de gemeente een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit aanvragen. Komen partijen pas na de start er achter dat een bouwwerk geen gevolgklasse 1 is, bijvoorbeeld door de noodzaak een gelijkwaardige maatregel toe te moeten passen voor brand of constructies, dan moet de kwaliteitsborger zich terugtrekken uit het project en vervalt de bouwmelding. De kwaliteitsborger moet dit ook melden aan de gemeente. Vervolgens moet er alsnog een omgevingsvergunning een bouwactiviteit worden aangevraagd bij de gemeente en ligt de bouw stil totdat de omgevingsvergunning is verleend en in werking is getreden. Er volgt een formele bouwstop in combinatie met het opleggen van een last onder dwangsom om te voorkomen dat er toch wordt doorgebouwd zonder de benodigde omgevingsvergunning. Dit maakt het mogelijk om direct handhavend op te treden bij overtreding van de last. Strijdigheid Bbl De kwaliteitsborger is verplicht de gemeente te informeren als een strijdigheid met het Bbl is ontdekt die niet meer voor gereedmelding (staat los van de oplevering van een bouwwerk) wordt opgelost en dus een verklaring van de kwaliteitsborger tegenhoudt. De gemeente gaat ter plaatse samen met de kwaliteitsborger en initiatiefnemer dan wel aannemer naar de strijdigheid kijken. Afhankelijk van de aard van de strijdigheid vraagt de gemeente in een brief op hoe de initiatienemer van plan is het probleem op te lossen. Maar, als (al direct) blijkt dat er sprake is van een onherstelbaar feit, dan laat de gemeente in een brief weten of hier wel of niet op gehandhaafd gaat worden. Als besloten wordt wél te handhaven, zegt de gemeente daarmee in feite “zoek maar een oplossing”, want de gemeente gaat de gereedmelding zonder verklaring van de kwaliteitsborger niet accepteren. Uitgangspunt hierbij is dat er wordt gehandhaafd. Alleen wanneer er sprake is van bijzondere omstandigheden kan van die lijn afgeweken worden. Er zijn verschillende mogelijkheden om handhavend op te treden. Zo kan de gemeente de ingebruikname tegenhouden als niet aan de regels wordt voldaan. Bij sommige overtredingen is dit echter een te zwaar middel, bijvoorbeeld bij alleen het ontbreken van bepaalde documenten in bouwdossier. Dan is bijvoorbeeld het opleggen van een dwangsom een geschikter handhavingsinstrument. Voorwaardelijke voltooiingsverklaring Een reden om te besluiten niet te handhaven kan zijn, omdat de gemeente handhaven disproportioneel vindt gezien de grootte van het onherstelbare feit. De gemeente laat de eigenaar weten dat het pand niet voldoet aan alle eisen vanuit de wet, maar dat de gemeente het aan de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemer laat hoe hier mee om te gaan. De gemeente kan de melding niet accepteren en formeel is het pand niet gereed (verklaring kwaliteitsborger ontbreekt). Een dergelijk besluit neemt gemeente heel bewust en niet zomaar. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij kleine afwijkingen van het Bbl, waarbij geen gevaar voor de veiligheid of gezondheid is en de gemeente het vertrouwen heeft dat dit alsnog wordt hersteld. De gemeente moet in de praktijk ervaring gaan opdoen wanneer afwijkingen ontoelaatbaar zijn en ingebruikname niet wordt toegestaan. Elke situatie daartussen is grijs gebied en wordt van geval tot geval beoordeeld, net als dat ook zo was voor inwerkingtreding van de Wkb. Hierbij legt de gemeente goed vast hoe in deze situatie zijn afgehandeld. Met als doel vergelijkbaar en navolgbaar handelen in vergelijkbare situaties (gelijke monniken, gelijke kappen principe), wat nu voor al handhaving het uitgangspunt is. Overige Wanneer bovengenoemde handelswijze geen oplossing biedt voor een ontstane situatie wordt per geval beoordeeld hoe daar mee om te gaan. Er wordt in dat geval gezamenlijk met de kwaliteitsborger en/of aannemer e/of initiatiefnemer gezocht naar een oplossing. Handhavingsverzoeken over bouwactiviteiten kunnen aanleiding geven om (steekproefsgewijs) controles uit te voeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel