Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Algemeen mandaat van het college, de burgemeester en de heffings- en invorderingsambtenaar aan ambtenaren

Onderdeel van Bevoegdhedenregeling gemeente Lopik 2024

1.. Het college en de burgemeester verlenen de ambtenaar die werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur het mandaat om alle besluiten te nemen en alle daarbij behorende en/of overige (rechts)handelingen te verrichten, die in het kader van een goede uitoefening van de aan hem/haar toebedeelde taken en bevoegdheden nodig zijn, met in achtneming van het bepaalde in artikel 5 tot en met 9 van deze bevoegdhedenregeling. 2.. De secretaris en de directeur hebben mandaat voor al het bepaalde in deze bevoegdhedenregeling, met in achtneming, dan wel in uitzondering van het bepaalde in artikel 5 tot en met 8 van deze bevoegdhedenregeling. 3.. Teamleiders hebben mandaat voor het gehele team waarvoor zij verantwoordelijk zijn, met in achtneming, dan wel in uitzondering van het bepaalde in artikel 5 tot en met 9 van deze bevoegdhedenregeling. 4.. Een ambtenaar heeft de bevoegdheid het in het eerste lid van dit artikel bedoelde besluit te ondertekenen, zoals bedoeld in artikel 59a van de Gemeentewet, op de wijze zoals beschreven in artikel 3, tweede lid jo. artikel 12 van deze bevoegdhedenregeling. 5.. De heffings- en invorderingsambtenaar verleent de ambtenaar die werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur het mandaat om (gemeentelijke) leges namens hem/haar te heffen en/of in te vorderen, voor zover dit voortvloeit uit een aanslag, een te verlenen vergunning, ontheffing, melding en/of een gedane aanvraag of verzoek. Een en ander zoals bedoeld in artikel 229 eerste lid, aanhef en onder b en 231 tweede lid onderdelen b, c en d van de Gemeentewet conform de Verordening op de heffing en invordering van leges.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel