Indien een krachtens mandaat te nemen besluit voorzienbaar belangrijke politieke, beleidsmatige of financiële gevolgen heeft of zou kunnen hebben, wordt de onderhavige zaak eerst voorgelegd aan het ter zake verantwoordelijk lid van de mandaatgever en kan pas na overleg met en goedkeuring van dit lid gebruik worden gemaakt van het mandaat of de machtiging. Van een bestuurlijk gevoelige zaak is sprake als:
in de fase voorafgaand aan de besluitvorming sprake was van een maatschappelijke bezorgdheid of onrust over de kwestie;
in de fase na de besluitvorming aanzienlijke kans bestaat op maatschappelijke bezorgdheid of onrust over de kwestie;
de kwestie extra communicatieve inspanningen vergt van de ambtelijke organisatie van de mandaatgever naar de samenleving;
de besluitvorming over de kwestie ingaat tegen politieke wensen met meningsverschillen als gevolg;
sprake is van een besluit in het kader waarvan al een gerechtelijke procedure loopt en tegen het besluit naar redelijke verwachting opnieuw een rechtsmiddel zal worden ingesteld.
Een krachtens mandaat te nemen besluit wordt in ieder geval aan de mandaatgever voorgelegd, indien:
het betreffende besluit afwijkt van, strijdt met, dan wel een aanvulling vormt op een wettelijk voorschrift of besluiten, verordeningen, circulaires, aanwijzingen, richtlijnen of beleidsregels van de mandaatgever;
andere dan standaardvoorwaarden worden gesteld;
het betreffende besluit afwijkt van een ingewonnen advies van een wettelijke adviseur.
Indien sprake is van het bepaalde in het eerste en tweede lid, informeert de directeur daarover de mandaatgever, voorafgaand aan het te nemen besluit. Indien de mandaatgever dat nodig oordeelt, wordt het te nemen besluit genomen door de mandaatgever zelf.