Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 8.

Bijstand om niet, geldlening en borgstelling

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Medemblik 2024

1.. Bijzondere bijstand wordt om niet verstrekt. 2.. In afwijking van lid 1 wordt op basis van artikel 48 en 51 van de wet bepaald of de bijzondere bijstand als geldlening of borgstelling wordt verstrekt. De aflossingscapaciteit wordt bepaald op 5% van de toepasselijke bijstandsnorm, inclusief. De aflossingstermijn van een geldlening bij een bank of de bij de gemeente is ten hoogste 36 maanden. Na 36 maanden wordt op verzoek het restant van de lening omgezet in bijstand om niet tenzij de aanvrager binnen de 36 maanden niet aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan. In afwijking van sub b, wordt de aflossingstermijn op meer dan 36 maanden gesteld, ingeval de duurzame gebruiksgoederen dienen te worden vervangen ten gevolge van moedwillige vernieling of nalatige verwijtbaarheid, onachtzaamheid of verkeerde handelingen waardoor de goederen verloren zijn gegaan. Als tijdens de looptijd van de aflossing opnieuw leenbijstand wordt verleend voor dezelfde kosten, vangt voor dit nieuwe bedrag geen nieuwe aflossingstermijn aan. Indien het bedrag aan aflossing en rente hoger is dan de beschikbare aflossingscapaciteit wordt voor dit verschil bijzondere bijstand verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel