In afwijking van hetgeen hierover in deze mandaatregeling is bepaald en met inachtneming van artikel 10:3, lid 2, Algemene wet bestuursrecht, verlenen het college of de burgemeester geen mandaat voor:
het nemen van besluiten over vaststelling, wijziging of intrekking van kaders, beleidsregels en besluiten van algemene strekking;
het nemen van besluiten over wijziging van de hoofdstructuur van de organisatie;
het beslissen op bezwaarschriften;
het beslissen op beroepschriften over de invordering van privaatrechtelijke geldschulden;
het beslissen over het oninbaar verklaren van privaatrechtelijke geldvorderingen;
het nemen van besluiten over het voeren van rechtsgedingen zoals bedoeld in artikel 160, lid 1, sub e, Gemeentewet behalve wanneer het gaat om het voeren van verweer of vergelijkbare activiteiten in lopende rechtsgedingen;
het nemen van besluiten over vaststelling van formatiewijzigingen wanneer voor die formatiewijzigingen geen toereikend bedrag is opgenomen in de gemeentebegroting;
het nemen van besluiten over gedwongen ontslag, schorsing of het opleggen van een disciplinaire straf;
het nemen van besluiten over benoeming van of op eigen verzoek verlenen van ontslag aan de gemeentesecretaris, domeinmanager of concerncontroller;
alle te nemen besluiten over de gemeentesecretaris op basis van de Cao gemeenten en aanvullende geldende lokale regelingen;
het nemen van besluiten waarvoor een versterkte meerderheid van stemmen nodig is;
het nemen van besluiten over openbare orde als genoemd in de artikelen 151b, 151c, 154a, 172, 172a, 174, 174a, 174b, 175, 176 en 176a Gemeentewet;
het nemen van besluiten op basis van de Zondagswet en de Wet openbare manifestaties waarbij grondrechten worden beperkt;
het nemen van besluiten tot inbewaringstelling op basis van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten;
het nemen van besluiten op ingediende klachten zoals bedoeld in de klachtenregeling;
het nemen van alle besluiten en voorgenomen besluiten in afwijking van vastgestelde financiële, beleids- of andere kaders;
de voor een taakveld uitgesloten bevoegdheden zoals opgenomen in de bij deze mandaatregeling behorende bijlage “Uitgesloten bevoegdheden”.