Het college stelt een treasurystatuut vast met de regels die zij hanteert voor het dagelijks bestuur van koersrisico- en valutarisicobeheer, kredietrisico- en relatiebeheer, intern liquiditeitsrisico en geldstromenbeheer, administratieve organisatie en interne controle van de financieringsfunctie. Het college zendt het treasurystatuut ter kennisgeving aan de raad.
Het college neemt bij het uitzetten en het aantrekken van middelen de volgende kaders in acht:
voor het aantrekken van financieringen met een looptijd langer dan één jaar worden tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; en
er wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de wet Financiering decentrale overheden.
Bij het verstrekken van leningen, het verstrekken van garanties en het verstrekken van risicodragend kapitaal bedingt het college indien mogelijk zekerheden.