Tot de aan de omgevingsvergunning te verbinden voorschriften kan behoren:
het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en
overeenkomstig de door bevoegd gezag te geven aanwijzingen moet worden herplant.
In het voorschrift als bedoeld in het eerste lid wordt telkens bepaald binnen welke termijn na de herplant en op welke wijze herplantbomen die slecht groeien, ziek of dood zijn, moeten worden vervangen.
Degene aan wie de herplantplicht is opgelegd of zijn rechtsopvolger is na het uitvoeren van de herplant verplicht om die herplant aan het bevoegd gezag te melden. In het voorschrift als bedoeld in het eerste lid wordt bepaald hoe en binnen welke termijn die melding dient plaats te vinden.
Indien niet ter plaatse kan worden herplant, kan aan een vergunning tot vellen het voorschrift toegevoegd worden dat een geldelijke bijdrage gestort dient te worden in het gemeentelijke herplantfonds.
Tot aan de omgevingsvergunning tot vellen te verbinden voorschriften, kan het voorschrift behoren:
dat pas tot vellen van de boom of bomen op en bij bouw- en aanlegwerken of andere ruimtelijke herinrichting of reconstructie mag worden overgegaan indien andere ontheffingen, vergunningen, toestemmingen of ruimtelijke ordeningsprocedures onherroepelijk geworden zijn;
en de feitelijke en financiële voortgang van de werken voldoende gewaarborgd is.
Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kunnen behoren aanwijzingen ter bescherming van nabijgelegen bomen en/of struiken en voorschriften ter bescherming van in en rond de te vellen bomen voorkomende flora en fauna.
Artikel 9
Bijzondere voorschriften
Onderdeel van Bomenverordening Gemeente Sliedrecht 2023 (Gewijzigd)