Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III.

Artikel 6.

Verlening en afsluiten investeringskredieten

Onderdeel van Regeling investeringen Amsterdam 2024

1.. De uitvoering van een investeringsvoorstel kan starten nadat daar bestuurlijke goedkeuring voor is verkregen. 2.. Voor investeringen die niet starten in het begrotingsjaar worden nog geen kredieten verleend. 3.. Voor investeringen die starten in het begrotingsjaar geldt de besluitvorming over de begroting tevens als besluitvorming over investering en krediet, voor zover het gaat om vervangingsinvesteringen beneden een netto bedrag van € 25 miljoen; niet-vervangingsinvestering beneden een netto bedrag van € 5 miljoen; aanvullende investeringen wegens prijsstijgingen, mits de totaalsom van de investering beneden een netto bedrag van € 25 miljoen blijft. vindt op een later moment afzonderlijke besluitvorming over de investering en de kredietverlening door de raad plaats voor investeringen boven een netto bedrag van € 25 miljoen. vindt op een later moment afzonderlijke besluitvorming over kredietverlening door het college plaats, voor niet-vervangingsinvesteringen boven een netto bedrag van € 5 miljoen en beneden een netto bedrag van € 25 miljoen. de raad of het college kan bij de begrotingsbehandeling nader aangeven om op een later moment afzonderlijke besluiten te willen nemen. 4.. Voor kredieten geldt een bestedingstermijn van vijf jaar tenzij de raad of het college bij de vaststelling van het krediet anders bepaalt. 5.. Een investeringskrediet wordt bij het samenstellen van de jaarrekening afgesloten als de beheerder heeft gemeld dat de investering technisch en financieel is afgerond. De beheerder kan gemotiveerd aangeven dat een verlenging van de looptijd noodzakelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel