De ontvanger verleent een dwangbevel tegen de belastingschuldige of diens rechtsopvolgers. Als
de ontvanger het dwangbevel verleent tegen een ander dan de belastingschuldige, moet duidelijk
blijken op welke gronden dit gebeurt.
Als de ontvanger bekend is met de minderjarigheid of curatele van een belastingschuldige, dan
brengt hij dit in het dwangbevel tot uitdrukking. Als de ontvanger hiermee niet bekend is, hoeft hij
niet vooraf een daarop gericht onderzoek in te stellen.
Als de ontvanger een belastingschuld van een overledene moet verhalen op diens onverdeelde
nalatenschap, verleent hij één dwangbevel tegen de gezamenlijke erfgenamen.
Als betekening ten aanzien van de gezamenlijke erfgenamen van een overledene op de voet van
artikel 53 Rv niet mogelijk of niet wenselijk is, dan vermeldt de ontvanger alle erfgenamen met naam
en adres alsmede met hun kwaliteit van erfgenaam van de overleden belastingschuldige in het dwangbevel. De ontvanger brengt daarbij evenwel niet het deel van ieders aansprakelijkheid tot
uitdrukking.
Artikel 12
Artikel 12.2.
Tegen wie verleent de ontvanger een dwangbevel
Onderdeel van LEIDRAAD INVORDERING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN Alphen aan den Rijn