De verrekening vindt niet van rechtswege plaats. De ontvanger bepaalt of al dan niet tot verrekening
wordt overgegaan.
Als de belastingschuldige de ontvanger verzoekt een bepaalde belastingteruggaaf of een ander uit
te betalen bedrag met een bepaalde openstaande aanslag of andere vordering te verrekenen, dan
willigt de ontvanger dit verzoek altijd in, tenzij het niet mogelijk is de vordering te
verrekenen en/of het verzoek dusdanige administratieve rompslomp met zich meebrengt dat de
ontvanger een andere betaalwijze aan de belastingschuldige voorstelt.
Dit geldt ook als het verzoek wordt gedaan nog voordat de teruggaaf is geformaliseerd of het uit te
betalen bedrag is vastgesteld. In dat geval schort de ontvanger de invordering echter niet zonder
meer op. Zo nodig kan de belastingschuldige om uitstel van betaling in verband met de te
verwachten teruggaaf respectievelijk het te verwachten uit te betalen bedrag verzoeken (zie artikel
25.3 van deze leidraad).
Artikel 24
Artikel 24.1.
Wanneer verrekening
Onderdeel van LEIDRAAD INVORDERING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN Alphen aan den Rijn