Ondanks het feit dat de wet daartoe wel de mogelijkheid biedt, worden uit te betalen bedragen niet
automatisch verrekend met aanslagen die (nog) niet invorderbaar zijn. Dit laat onverlet dat de
ontvanger bevoegd is om in gevallen zoals omschreven in artikel 19, tweede lid, van de wet binnen
de betalingstermijn te verrekenen.
Bij een belastingaanslag waarvan een betalingstermijn van een termijnbetaling is verstreken, kan de
ontvanger alleen verrekenen voor zover de termijn is verstreken.
Hierop maakt de ontvanger een uitzondering als er sprake is van een situatie als bedoeld in artikel
10, eerste lid, onderdelen b, c of d, van de wet. Dan is verrekening mogelijk met alle termijnen van
de aanslag vanaf het moment dat zich één van de genoemde situaties voordoet.
Verrekening met andere bedragen waarvan de invordering aan de ontvanger is opgedragen, kan
plaatsvinden vanaf het moment waarop de invordering aan de ontvanger is opgedragen.
Artikel 24 › Paragraaf 24.1.1.
Artikel 24.3.
Reikwijdte van de verrekening
Onderdeel van LEIDRAAD INVORDERING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN Alphen aan den Rijn