Naar hoofdinhoud
Het college kan besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening als: het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; de schuldeisers niet akkoord gaan met een minnelijk voorstel; cliënt zich niet houdt aan de in de overeenkomst gestelde voorwaarden ondanks dat de gemeente dan wel de door de gemeente gecontracteerde organisatie zich heeft ingespannen volgens de NVVK belofte; cliënt, ondanks herhaalde pogingen van gemeente dan wel de door de gemeente gecontracteerde organisatie om contact te krijgen, niets meer van zich laat horen en het hierdoor onmogelijk is om het plan van aanpak (volledig) te kunnen uitvoeren; cliënt verhuist naar een andere gemeente, zolang er nog geen schuldregeling tot stand is gekomen. Na tot stand komen van een schuldregeling geldt de richtlijn verhuizing cliënten van de NVVK. Indien er nog geen schuldregeling tot stand is gekomen spant de gemeente dan wel de door de gemeente gecontracteerde organisatie zich, conform de NVVK belofte, in voor een warme overdracht, voor zover mogelijk en gewenst door de hulpvrager; cliënt komt te overlijden. Bij overlijden van de hulpvrager wordt het saldo aan de wettige erfgenamen ter beschikking gesteld. Als zich geen erfgenamen melden, dan kan contact worden opgenomen met het Rijksvastgoedbedrijf, beheerder van de consignatiekas om de nalatenschap over te maken naar de Staat der Nederlanden; cliënt niet langer voldoet aan het genoemde in artikel 3 van deze beleidsregels; cliënt niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 6 en 7 van de wet; cliënt zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor de aflossing van schulden; de hulpverlening op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan cliënt is toegekend, waarbij er een ander besluit zou zijn genomen als die gegevens bij het verzoek om schuldhulpverlening bekend waren geweest; cliënt zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt; de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van cliënt, niet (langer) passend is; cliënt zelf schriftelijk verzoekt om beëindiging van de hulpverlening; de hulpverlening volgens het college niet langer noodzakelijk wordt geacht; een verzoek tot toelating WSNP is verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel