Naar hoofdinhoud
1.. In het kader van het regionaal budgetbeheer vindt een taakverdeling plaats tussen het lichaam en de deelnemende gemeenten overeenkomstig het tweede en derde lid. 2.. Het lichaam draagt zorg voor de uitvoering van de volgende taakonderdelen: het verdelen van budget over de gemeenten door middel van reserveringen; het sparen en ontsparen van middelen; het aanwenden van de ter vrije besteding komende middelen; het nemen van beschikkingen omtrent de verlening van geldelijke steun; het nemen van beschikkingen omtrent de vaststelling en uitbetaling van geldelijke steun; het beheer van het vermogen; het bevorderen van een doelmatige planning en programmering van de volkshuisvesting; het regelen van de inspraak. 3.. De in de regeling deelnemende gemeenten dragen ieder voor zich zorg voor de uitvoering van de volgende taakonderdelen: het stellen van prioriteiten en nadere voorwaarden inzake de aanwending van budget; het beoordelen van en adviseren omtrent aanvragen om geldelijke steun; het houden van toezicht op de uitvoering van gesubsidieerde bouwplannen; het adviseren omtrent de vaststelling van geldelijke steun; het verlenen van inspraak. 4.. De gemeenten nemen bij de uitvoering van hun taken de terzake door het openbare lichaam gestelde voorschriften en aanwijzingen in acht. 5.. Het openbare lichaam stelt bij verordening in ieder geval regels terzake van: de verdeling en aanwending van budget; de verlening, vaststelling en uitbetaling van geldelijke steun; de inspraak.

Rechtspraak bij dit artikel