2.5.1 Jeugdhulp via arts en andere hulpverleners
[Jeugdwet, Awb]
De gemeente zorgt ervoor dat de jongere jeugdhulp krijgt, als de huisarts, jeugdarts of medisch specialist de jongere doorverwijst naar een jeugdhulpaanbieder, of als de rechter of gecertificeerde instelling jeugdhulp nodig vindt.
De gemeente maakt afspraken met de huisartsen, de medisch specialisten, de jeugdartsen, de gecertificeerde instellingen en de zorgverzekeraars over doorverwijzingen.
2.5.2 Spoedeisende gevallen
[Jeugdwet, Wmo, PW, Llv, Wgs]
In spoedeisende gevallen kan de gemeente afwijken van de normale procedure om ervoor te zorgen dat de inwoner de hulp krijgt die nodig is. Het kan gaan om de volgende (tijdelijke) hulp in afwachting van een onderzoek door de gemeente:
het bieden van hulp en zorg aan ouders en hun kinderen;
het vragen van een machtiging aan de kinderrechter voor gesloten jeugdhulp;
het bieden van een voorziening voor maatschappelijke ondersteuning;
schuldhulpverlening;
vervoer naar school, of
het verstrekken van een voorschot op een uitkering die nog niet is toegekend.
2.5.3 Inburgeringsplichtigen
[Wib]
Met de komst van de Wet inburgering 2021 is de gemeente verantwoordelijk voor het aanbieden van passende inburgeringstrajecten aan nieuwe inburgeringsplichtigen. Asielmigranten worden vanuit een asielzoekerscentrum gekoppeld aan de gemeente Oost Gelre. Waar mogelijk begint de brede intake al op het asielzoekerscentrum. Gezinsmigranten krijgen van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) een bericht over de brede intake. Inburgeringsplichtigen krijgen een andere brede intake dan de intake zoals in het stappenplan dat bij 2.1 tot en met 2.4 beschreven staat.
2.5.3.1 Brede intake
De gemeente neemt bij de inburgeringsplichtige een brede intake af. Dankzij deze brede intake krijgt de gemeente een beeld van de startpositie en de ontwikkelingsmogelijkheden van de inwoner. De gemeente geeft in overleg met de inwoner en op basis van de uitkomsten van de brede intake invulling aan het inburgeringstraject.
De brede intake wordt zo vroeg mogelijk afgenomen. Als het kan wordt de brede intake gepland zodra de inwoner bekend is bij de gemeente. Voor asielmigranten is dit het moment van koppeling aan de gemeente. Voor gezinsmigranten en overige migranten is dit het moment van inschrijving in de gemeente.
De brede intake bestaat in ieder geval uit:
een onderzoek naar het onderwijsniveau en de werkervaring van de inwoner;
een onderzoek naar de persoonlijke omstandigheden van de inwoner, zoals de fysieke en mentale gezondheid;
voor zover van toepassing: een verkenning van de mogelijkheden om het kind van de inwoner deel te laten nemen aan de voorschoolse educatie, bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang, of de vroegschoolse educatie, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs; en
een leerbaarheidstoets.
De gemeente brengt met de brede intake in ieder geval in kaart:
het taalniveau van de inwoner;
de mogelijkheden tot (arbeids)participatie;
de mate van zelfredzaamheid; en
de wensen van de inwoner over inburgering en arbeidsparticipatie.
De gemeente legt de uitkomsten van de brede intake schriftelijk vast in de PIP, zoals beschreven in artikel 2.5.3.2
2.5.3.2 Persoonlijk plan Inburgering en Participatie
De gemeente stelt na afronding van de brede intake en op basis van de hieruit ontvangen informatie het Persoonlijk plan Inburgering en Participatie (PIP) op. Dit gebeurt zoveel mogelijk in samenspraak met de inburgeringsplichtige. In ieder geval worden in een gesprek de volgende onderwerpen besproken:
de uitkomsten van de brede intake;
de persoonlijke einddoelen van de inwoner in het inburgeringstraject;
welke leerroute als passend wordt gezien en waarom;
de rechten en plichten van de inwoner tijdens het inburgeringstraject;
de verwachtingen van de inwoner over het traject;
de rol van de gemeente bij dit traject; en
voor gezinsmigranten en overige migranten: het aanbod aan passend en kwalitatief goed inburgeringsonderwijs waarmee de migrant de leerroute kan volgen en voltooien.
In het PIP staat wat de inwoner moet doen om aan de inburgeringsplicht te voldoen. Het PIP geeft een compleet beeld van de rechten en plichten van de inwoner gedurende het inburgeringstraject. De gemeente stemt het plan af op de persoonlijke situatie, ontwikkelbehoeften en capaciteiten van de inwoner.
De gemeente stelt het PIP vast uiterlijk binnen tien weken na inschrijving van de inwoner in de Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente waar hij of zij is gehuisvest of wordt gehuisvest na verblijf in het azc.
Wanneer de inwoner voor wie de leerroute al is vastgesteld verhuist naar de gemeente Oost Gelre stelt de gemeente het PIP opnieuw vast binnen tien weken na de inschrijving van de inwoner in de Basisregistratie Personen (BRP). De leerroute die daarbij wordt vastgesteld, is gelijk aan de leerroute zoals die door de gemeente van vertrek is vastgesteld.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.5
Uitzonderingen
Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Oost Gelre