**1..** Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en de artikelen 3.1.7 en 3.4.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of burgerlid vergoed:
de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;
bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten;
**2..** Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
**3..** Als een raads- of burgerlid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.
**4..** De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raads- of burgerlid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Artikel 4.
Reis- en verblijfkosten raads- en burgerleden
Onderdeel van Verordening rechtspositie raads- en burgerleden Hoeksche Waard 2024