**1..** Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de wet weigert het college de subsidie in ieder geval:
als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt, of,
als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun van Nederland onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard.
**2..** Onverminderd het vorige lid weigert het college de subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat:
subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of
de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader.
**3..** Onverminderd de vorige leden kan het college de subsidie verder in ieder geval weigeren:
als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen;
als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate bijdragen aan de realisering van gemeentelijk beleid;
als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd;
in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen;
als de aanvrager doelstellingen nastreeft of activiteiten ontplooit of zal ontplooien die naar het oordeel van het college in strijd zijn met een wettelijk voorschrift, het algemeen belang of de openbare orde;
als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt;
indien de activiteit waarvoor subsidie wordt gevraagd, al is gestart of uitgevoerd;
de door aanvrager aan de deelnemers van de activiteiten gevraagde eigen bijdrage zo laag is of zal zijn, dat door een redelijke verhoging van deze bijdrage subsidieverlening achterwege kan blijven;
de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende middelen beschikt of de mogelijkheden voor inkomsten onvoldoende zijn benut om de kosten van zijn activiteiten te dekken;
voor zover activiteiten van de aanvrager gericht zijn op het uitdragen van levensbeschouwelijke of politieke overtuigingen;
in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen.
Artikel 9.
Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Maashorst 2022