Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 22.

Einde van grafrechten

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit gemeentelijke Begraafplaatsen Hollands Kroon 2024

1.. Het grafrecht vervalt: Door het verlopen van de termijn waarvoor het recht is verleend; Als de rechthebbende afstand doet van het recht; Als na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot overschrijving van het recht niet wordt gedaan binnen de in artikel 19 lid 2 genoemde termijn na het overlijden van de rechthebbende; Als een begraafplaats wordt opgeheven; Het college kan afwijken van de onder c. genoemde termijn. 2.. Het college kan de grafrechten vervallen verklaren: Als de betaling van het daarvoor verschuldigde recht en/of de onderhoudskosten ten behoeve van de vestiging of een verlenging van het grafrecht, ondanks een aanmaning, niet binnen drie maanden na dagtekening van de aanmaning is geschied. Als de rechthebbende - ondanks een schriftelijke aanmaning - in verzuim blijft een verplichting na te komen die voortvloeit uit deze verordening of daarmee in strijd handelt. Indien de rechthebbende - ondanks een schriftelijke aanmaning - niet binnen een jaar overgaat tot herstel van een graf dat in verval is. 3.. Onder in verval zijnde graven wordt verstaan: Breuk van het monument; Een verzakking van het monument van meer dan 10 cm; Het onleesbaar afgesleten zijn van teksten; Beplanting buiten de toegestane afmetingen (groeiend boven de toegestane hoogte en buiten de grafafmeting); Omgevallen monumenten, dan wel monumenten die (deels) beschadigd zijn geraakt; Graven die een risico vormen voor de veiligheid van medewerkers en bezoekers van de begraafplaats (ondeugdelijke constructies volgens huidige richtlijnen). 4.. Wanneer grafrechten zijn vervallen, genoemd onder lid 1 onderdeel b, c en d, en lid 2 van dit artikel, vindt geen terugbetaling plaats van een deel van de kosten van het grafrecht, betaalde onderhoudsbijdragen of eventuele andere kosten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel