De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor
de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten
verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en
wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231 tweede lid, onderdelen
b en d, van de Gemeentewet.