**1..** Indien de burgemeester een hond gevaarlijk acht, kan de burgemeester aan de eigenaar of houder van deze hond een sanctie opleggen. Indien deze kwalificatie aan de hond wordt gegeven op basis van ernstige bijtincidenten, kan de burgemeester een sanctie opleggen conform tabel II.
**2..** Indien de hond om andere redenen door de burgemeester wordt aangemerkt als gevaarlijk, kan de burgemeester aan de eigenaar of houder van deze hond de sanctie opleggen die hij in de gegeven omstandigheden het meest passend acht. Hierbij kan aansluiting worden gezocht bij tabel II.
**3..** Indien op grond van tabel II een aanlijn- en muilkorfgebod dient te worden opgelegd, de burgemeester van oordeel is dat het opleggen van dit gebod niet toereikend is en door de aanwezigheid van de hond sprake is van verstoring van de openbare orde of ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, kan de burgemeester gebruikmaken van zijn lichte bevelsbevoegdheid op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet en de hond tijdelijk in beslag nemen.
**4..** In het geval sprake is van een situatie als bedoeld in het derde lid, legt de burgemeester bij de terugkeer van de hond aan de eigenaar of houder hiervan alsnog een aanlijn- en muilkorfgebod op.
Tabel II
Incident met een persoon
Incident met een ander dier
1ste incident
Aanlijn- en/of muilkorfgebod
Waarschuwing
2de incident
Zie artikel 6 leden 5 t/m 10 (last onder bestuursdwang)
Aanlijn- en/of muilkorfgebod
3de incident
Zie artikel 6 leden 5 t/m 10 (last onder bestuursdwang)