Alvorens toezicht en handhaving ingezet worden, worden normen gesteld waaraan men moet voldoen. Dit kan plaatsvinden in een wettelijke regeling op rijksniveau of in gemeentelijke regelgeving. Deze normen worden gepubliceerd. Op deze manier kan men kennis nemen van de normen. Verder kan het dat, indien het gaat om grote normwijzigingen, er wordt gekozen voor actieve voorlichting door bijvoorbeeld een voorlichtingsbrochure, een campagne, een scholenproject of het verschaffen van informatie aan een vergunning-/ ontheffingshouder.
Indien naar aanleiding van toezicht blijkt dat bepaalde normen overschreden worden, is het zaak om actie te ondernemen. Is er een spoedeisend belang in het geding, zoals gevaar voor de omgeving, of risico op letsel of gezondheidsschade, dan kan direct opgetreden worden. Is dit niet het geval, dan wordt eerst met de overtreder gesproken over de overtreding. Soms kan een overtreding al opgelost worden door het gesprek aan te gaan, maar als dit niet het geval is, dan is het zaak om gebruik te maken van de beschikbare handhavingsmiddelen. Uiteraard is preventief toezicht effectiever als er ook een stok achter de deur is: ‘zacht waar het kan, hard waar het moet’. De concrete afweging voor de inzet van een bepaald instrument wordt gemaakt afhankelijk van de zaak die het betreft, het gedrag van de overtreder of de ernst van de overtreding. Van belang is bijvoorbeeld of de overtreder een recidivist is of een goedwillende burger die de regels niet kent of niet begrijpt.
Bij inzet van een handhavingsinstrument wordt altijd een begunstigingstermijn gegeven waarbinnen de overtreder zelf kan overgaan tot het beëindigen van de overtreding, tenzij sprake is van een spoedeisend belang. Gebeurt dit niet binnen de gestelde termijn, dan kan overgegaan worden tot het daadwerkelijk opleggen van een sanctie.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.2.
Artikel 4.2.3.
Stappenplan
Onderdeel van Uitvoerings- en Handhavingsstrategie VTH gemeente Borger-Odoorn 2023 - 2027