Wanneer niemand bij de eerste stemming de volstrekte meerderheid heeft verkregen,
wordt tot een tweede vrije stemming overgegaan.
Is ook daarbij geen volstrekte meerderheid verkregen, dan heeft een herstemming
plaats tussen de twee personen, die bij de tweede stemming de meeste stemmen op zich hebben verenigd.
Hij/zij, die bij herstemming de meeste stemmen verkrijgt, is de benoemde of de
gekozene.
Komen ten gevolge van een gelijk aantal stemmen meer dan twee personen voor
herstemming in aanmerking, dan wordt door een tussenstemming over degenen van hen., die een gelijk aantal stemmen verkregen, beslist, wie hunner in herstemming zal (zullen) komen.
Indien, hetzij bij de tussenstemming, hetzij bij de herstemming, de stemmen staken,
beslist terstond het lot.
HOOFDSTUK 3. › PARAGRAAF 3.
Artikel 31.
Aantal stemmingen en bepaling verkiezing
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad