Wanneer de commissie een getuige ervan verdenkt, opzettelijk een
valse verklaring onder ede of onder belofte te hebben afgelegd,
wordt daarvan een afzonderlijk proces-verbaal opgemaakt,
bevattende de afgelegde verklaring van de getuige en de
aanduiding van de gronden, waarop het vermoeden van valsheid
berust.
De voorzitter van de commissie stelt een door de griffier mede
ondertekend afschrift van het proces-verbaal in handen van het
openbaar ministerie bij de rechtbank van het arrondissement
Leeuwarden.
HOOFDSTUK 5:
Artikel 49.
Valse verklaringen
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2014