Naar hoofdinhoud
De hoogte van het pgb voor een zaak wordt maximaal vastgesteld op: Het bedrag van de goedkoopst adequate voorziening in natura bij de leverancier waarmee de gemeente een overeenkomst heeft gesloten, zo nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering of; Het bedrag van de kosten volgens de door het college geaccepteerde offerte indien de gemeente voor de betreffende zaak geen overeenkomst heeft gesloten. De hoogte van het pgb voor vervoer bedraagt de kilometerprijs die de gemeente betaalt voor het collectief vervoer, waarbij het uitgangspunt geldt dat 2000 kilometer op jaarbasis binnen de eigen leef- en woonomgeving moet kunnen worden gereisd. Er dient verantwoording te worden afgelegd voor het daadwerkelijk reizen van de kilometers. Het college stelt in nadere regels vast hoe deze verantwoording dient plaats te vinden. De hoogte van het pgb voor formele hulp in de vorm van diensten bedraagt ten hoogste het tarief voor de goedkoopst adequate voorziening in natura, tenzij op basis van het budgetplan van de cliënt passende en toereikende ondersteuning voor een lager tarief kan worden ingekocht. In afwijking op lid 3 geldt voor huishoudelijke ondersteuning het laagste tarief waarvoor de hulp bij een particuliere aanbieder kan worden ingekocht. De hoogte van een pgb voor informele hulp bedraagt: voor huishoudelijke hulp het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao VVT (Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg), te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. voor begeleiding het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij de Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG 30) van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. De totale kosten voor informele hulp in de vorm van kortdurend verblijf bedragen maximaal het tarief voor deze zorg in natura. De hoogte van het pgb voor dienstverlening kan opgebouwd zijn uit verschillende kostencomponenten zoals salaris, vervanging tijdens vakantie en verzekeringen. De volgende kosten zijn in ieder geval uitgesloten voor vergoeding vanuit een pgb: kosten voor bemiddeling kosten voor tussenpersonen of belangenbehartigers kosten voor het voeren van een pgb-administratie kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb kosten voor feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering reiskosten van de hulpverlener bijkomende zorgkosten, zoals cursuskosten of entreegeld Overlijdensuitkering Indien het op basis van lid 1, lid 2 en lid 3 vastgestelde pgb in een individueel geval onvoldoende is om de aangewezen voorziening te kunnen inkopen, wordt het tarief zodanig aangepast dat de hulp hiermee bij tenminste één aanbieder kan worden ingekocht. Bij maatschappelijke ondersteuning die wordt verleend op basis van een verklaring als bedoeld in artikel 2ab lid 1 Uitvoeringsregeling Wmo 2015 bedraagt het pgb: de maximale hoogte van de tegemoetkoming per kalendermaand voor een hulp uit het sociaal netwerk zoals opgenomen in artikel 2ab lid 1 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015, tenzij op basis van het budgetplan van de cliënt kan worden volstaan met een lagere tegemoetkoming en de tegemoetkoming per kalendermaand voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding of reiskosten zoals bedoeld in artikel 2ab lid 1 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015. De tegemoetkoming wordt berekend aan de hand van de door het college vastgestelde vergoedingenlijst die waar mogelijk gebaseerd is op richtbedragen van het Nibud. De toegekende pgb’s worden ieder kalenderjaar geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van de consumentenprijsindex (cpi). Het college kan bij besluit regelen hoe de hoogte van een pgb wordt vastgesteld.

Rechtspraak bij dit artikel