Voor verontreiniging veroorzaakt na 1986 en voor inwerkingtreding van de Omgevingswet (dus vanaf 1 januari 1987 tot 1 januari 2023) geldt de zorg- en herstelplicht van artikel 13 Wbb op grond van het overgangsrecht. Ook als de eerder veroorzaakte verontreiniging pas is ontdekt na inwerkingtreding van de Omgevingswet. De veroorzaker maakt de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan. Dit geldt ook voor een verontreiniging in het grondwater. Zowel gemeente, provincie als Rijk is aangewezen als bevoegd gezag voor de handhaving. De bestuursorganen stemmen de aanpak af. Het bevoegd gezag Wbb kan aanwijzingen geven als bedoeld in artikel 27, tweede lid, Wbb.
Onder de Omgevingswet gelden zorgplichten voor activiteiten. Dit kan een specifieke zorgplicht zijn in het Bal of het omgevingsplan, of een algemene zorgplicht in de Omgevingswet. Als er sprake is van een (mogelijk) grote grondwaterverontreiniging moet de gemeente de provincie informeren conform de Omgevingsverordening. Dit is toegelicht bij de tekst hiervoor over de toevalsvondst grondwater. Er moet dan afstemming plaatsvinden tussen gemeente en provincie.
De veroorzaker maakt een nieuwe verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan. Dit geldt ook voor een verontreiniging in het grondwater. Bevoegd gezag is het bestuursorgaan dat bevoegd gezag is voor de (milieubelastende) activiteit, dus de gemeente of de provincie. Als er sprake is van een nieuwe verontreiniging ‘in het vrije veld’ (dus niet op een bedrijfsterrein) en deze is niet gekoppeld aan een activiteit waarover regels zijn gesteld onder de Omgevingswet, dan kan de algemene zorgplicht van artikel 1.7 Omgevingswet worden ingezet. Voor zwaardere gevallen bevat artikel 1.7a Omgevingswet een strafrechtelijk handhaafbaar verbod.
Bij een activiteit kan sprake zijn van een ongewoon voorval. Dit is een gebeurtenis, ongeacht de oorzaak, die afwijkt van het normale verloop van een activiteit, zoals een storing, ongeluk, calamiteit, waardoor significante nadelige gevolgen voor de fysieke leefomgeving ontstaan of dreigen te ontstaan. Bijvoorbeeld omdat er vanwege een kapotte leiding benzine de grond instroomt. De veroorzaker maakt de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan. Dit geldt ook voor een verontreiniging in het grondwater. Bevoegd gezag is het bestuursorgaan dat bevoegd gezag is voor de (milieubelastende) activiteit, dus de gemeente of de provincie. Als (nog) onduidelijk is wie bevoegd gezag is, dan ligt de bal bij de gemeente.
In de Omgevingswet zijn extra bevoegdheden en verplichtingen opgenomen als sprake is van een ongewoon voorval. Bestuursorganen moeten verplicht met elkaar afstemmen. In feite is een ongewoon voorval een zorgplichtgeval dat een bepaalde zwaarte heeft, waardoor extra bevoegdheden en verplichtingen nodig zijn. In het Bal en het omgevingsplan zijn informatieplichten opgenomen voor de veroorzaker van een ongewoon voorval.
Hoofdstuk 11
Artikel 11.5
Zorgplicht, ongewoon voorval en herstelplicht bij bedrijfsbeëindiging
Onderdeel van Beleidskader bodem onder de Omgevingswet Gemeente Uithoorn