Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 23

Artikel 23

Onderdeel van Marktverordening 1994

1. Zij die vanwege vakantie hun plaats niet kunnen innemen, dienen daarvan tijdig onder opgave van de duur van de vakantie, met inachtneming van het hierna onder lid 2 bepaalde mededeling te doen aan het college van burgemeester en wethouders. 2. De in artikel 17, lid 1, onder d vervatte regeling inzake de verplichting tot een regelmatige bezetting van een toegewezen vaste plaats, teneinde de verkregen rechten op de vaste plaats te behouden, blijft per kalenderjaar ten hoogte vier marktdagen buiten werking, indien de rechthebbende, na te hebben voldaan aan het onder lid 1 genoemde voorschrift, wegens vakantie afwezig is. 3. De rechthebbenden als hierboven bedoeld kunnen op buitenwerkingstelling van de onder lid 2 aangeduide regelingen alleen dan aanspraak maken, indien zijn op de marktdag, voorafgaande aan hun afwezigheid wegens vakantie de hen toegewezen vaste plaats hebben bezet. 4. De rechthebbenden als bedoeld onder lid 2 hebben voorts, tot behoud van hun eerder omschreven rechten, de verplichting op de eerste marktdag, volgend op die, waarop zij –binnen het onder lid 2 gestelde maximum aantal marktdagen- wegens vakantie afwezig waren, hun vaste plaats weder in te nemen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel