Van de samenlevingsbevestiging wordt een akte opgemaakt, waarvan het
model wordt vastgesteld door burgemeester en wethouders. De akte
wordt na voorlezing ondertekend door de personen van wie de
samenleving is bevestigd, door ten minste twee en ten hoogste vier
getuigen alsmede door de in artikel 2 bedoelde functionaris.
De akte bevat de aantekening dat betrokkenen er kennis van hebben
genomen dat de samenlevingsbevestiging geen wettelijk huwelijk is in
de zin van het Burgerlijk Wetboek.
Onmiddellijk na de samenlevingsbevestiging wordt een fotokopie van
de samenlevingsakte, gewaarmerkt door de in artikel 2 bedoelde
functionaris verstrekt aan de personen van wie de samenleving is
bevestigd.