De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze waarop de
accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.
De accountant maakt binnen het kader van de opdrachtverlening jaarlijks een plan
voor de uit te voeren controles. De accountant kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.
Artikel 4