Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 7.2

Plantafstand bomen en erfgrens

Onderdeel van Bomenlijst 2024

Artikel 5:42 van het Burgerlijk Wetboek is een wettelijke bepaling waar staat op hoeveel afstand bomen, struiken en hagen van de erfgrens mogen staan. In principe geldt hiervoor een afstand van 2.00 meter van het midden van de voet van de boom tot de erfgrens en voor struiken en hagen geldt een afstand van 0.50 meter. Zoals in de Vfl opgenomen in artikel 8.27d hanteert de gemeente Hollands Kroon voor bomen, struiken en hagen die op gemeentegrond echter een plantafstand van nihil. Deze aanpassing heeft vooral tot doel om te voorkomen dat (bestaande) gemeentebomen en -struiken welke dicht tegen andermans erf staan, mogelijk tot een juridisch geschil kunnen leiden als iemand bijvoorbeeld overlast ervaart. Het algemene belang van openbaar groen telt voor gemeentelijke bomen en beplanting zwaarder dan het individuele belang. Eventueel overhangende takken en doorschietende wortels van openbaar groen kunnen in overleg met de gemeente eventueel worden verwijderd. Voor particuliere en overige terreinen gelden verder de gebruikelijke afstanden zoals beschreven in het Burgerlijk Wetboek omdat in dit soort situaties normaal gesproken het individuele belang zwaarder telt dan het algemene belang. Gekandelaberde platanen in Middenmeer (bron: Cyclomedia Technology B.V.)

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel