Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 BESLUITVORMING

Artikel 10 Weigeringsgronden maatwerkvoorziening

Artikel 10 Weigeringsgronden maatwerkvoorziening

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Baarn 2024

De gemeente kan een maatwerkvoorziening weigeren als: a. voor de hulpvraag in voldoende mate een oplossing kan worden gevonden: i. binnen de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen, waaronder in ieder geval wordt verstaan: - gebruikelijke hulp van ouders en hulp van andere personen uit het sociale netwerk; - het aanspreken van een aanvullende verzekering die is afgesloten. ii. door gebruik te maken van een algemene, algemeen gebruikelijke of andere voorziening. b. in redelijkheid kan worden aangenomen dat de hulpvraag niet opgelost of verminderd kan worden met een maatwerkvoorziening; c. als de inwoner de maatwerkvoorziening al heeft gerealiseerd of daarmee al is gestart ná de melding of aanvraag maar nog vóór de datum van het besluit tenzij: i. sprake is van een acute noodsituatie waardoor het voor de inwoner dringend noodzakelijk was de voorziening te treffen; ii. de gemeente schriftelijk toestemming heeft gegeven; iii. op het moment van de melding nog altijd sprake is van de problematiek waarvoor de hulp is ingezet, en; iv. de noodzaak en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten achteraf nog kan worden beoordeeld. d. deze al eerder aan de inwoner is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van die voorziening nog niet verstreken is. Tenzij de voorziening verloren is gegaan door omstandigheden die niet aan de inwoner zijn toe te rekenen of de inwoner de restwaarde van de voorziening die verloren is gegaan geheel of gedeeltelijk vergoedt; e. een inwoner zijn of haar hulpvraag redelijkerwijs van te voren had kunnen voorzien en maatregelen had kunnen nemen om de hulpvraag te voorkomen. f. deze onveilig is of risico’s met zich meebrengt voor de inwoner of anderen; g. een eerder verstrekte maatwerkvoorziening nog passend is als oplossing voor de hulpvraag; h. deze niet langdurig noodzakelijk is, tenzij het gaat om hulp bij het huishouden of begeleiding; i. als specifiek aangevraagde maatwerkvoorziening niet als goed onderbouwd is erkend. De gemeente kan dan besluiten om deze voorziening niet toe te kennen en alternatieve wel als goed onderbouwde erkende maatwerkvoorziening te verstrekken.

Rechtspraak bij dit artikel