Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.6

Eisen ten aanzien van. de graaf- en grondwerkzaamheden

Onderdeel van Nadere regel kabels en leidingen gemeente Utrecht (Handboek kabels en leidingen)

1.. De graaf- en grondwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd conform de eisen uit de meest recente CROW richtlijnen (o.a. CROW publicaties 500, 400 en 335) en de meest recente Standaard RAW bepalingen. 2.. Te ontgraven grond, zand, teelaarde, funderingsmateriaal etc. wordt gescheiden ontgraven, vervoerd en/of in depot van de netbeheerder gezet of aangevuld worden. Het opbreken van een (waterdoorlatende) verharding en -fundering opbouw, bufferings- en infiltratievoorziening (bv. wadi constructie) of fundering die is opgebouwd uit IBC-bouwstoffen vereist vaak een speciale werkwijze die afgestemd wordt met de toezichthouder. De aanwijzingen van de toezichthouder worden altijd opgevolgd. 3.. Er mag geen zand of vuil achterblijven in (mol)goten en straat- en trottoirkolken. In overleg met de toezichthouder dienen straat- en trottoirkolken eventueel tijdelijk worden afgedekt. Indien nodig dient de netbeheerder deze op eigen kosten te reinigen. 4.. Daar waar open verharding aanwezig is wordt de oorspronkelijke fundering opbouw hersteld. 5.. Aanvullingen in plantvakken of onder gras op een diepte van minder dan 80 cm heeft na verdichting een sondeerwaarde van maximaal 1,5 MPa. De laag met teelaarde wordt niet verdicht. 6.. De controle op het aanvullen en verdichten van de sleuven vindt plaats door of namens de netbeheerder. Indien de toezichthouder hierom vraagt overlegt de netbeheerder deze gegevens. Op aanwijzing van de toezichthouder moet de netbeheerder steekproeven uitvoeren. De toezichthouder kan ook zelf steekproeven uitvoeren. 7.. Indien de toezichthouder constateert dat de aanvulling c.q. verdichting niet aan de door het college gestelde eisen voldoet, herstelt de netbeheerder dit binnen 5 werkdagen. 8.. Indien de oorzaak is, dat de uitgekomen grond niet voor aanvulling of verdichting geschikt is wordt deze afgevoerd. De netbeheerder levert dan op eigen kosten nieuwe voor aanvulling benodigde grond en/of zand op het werk en verwerkt dit opnieuw en beperkt zich tot alleen de noodzakelijke aanvulling om de juiste verdichting te behalen. Daarna vindt wederom een controle door de toezichthouder plaats. 9.. Indien na de termijn van 5 werkdagen herstel uitblijft c.q. onvoldoende is uitgevoerd laat het college het herstel verrichten door een door het college geselecteerde aannemer conform de geldende VNG herstraattarieven (tarief A).

Rechtspraak bij dit artikel