Naar hoofdinhoud

Artikel 5)

Maximale geluidsruimte:

Onderdeel van Notitie Padel en geluid in Nieuwegein

De wettelijke grenswaarde in de avondperiode is 45 dB. De gemeente kan wettelijk gezien meer geluidsruimte toestaan via een maatwerkbesluit tot een maximum van 50 dB. De gemeente staat alleen extra geluidsruimte toe als dat binnen de grens van 50 dB blijft en als er voor omwonenden op basis van het rekenmodel geen verslechtering waarneembaar is t.o.v. de nul-situatie. De gemeente vindt het namelijk niet uit te leggen dat omwonenden meer geluidsoverlast moeten ervaren, zolang de vereniging nog realistische maatregelen kan treffen om die geluidsbelasting omlaag te brengen tot het niveau dat niet (waarneembaar) afwijkt van het niveau dat in de bestaande (nul-)situatie al aan de orde was. De extra geluidsruimte die de gemeente door middel van maatwerkvoorschriften biedt, wordt afgestemd op de nul-situatie, omdat de gemeente het ook niet uitlegbaar en realistisch acht om van een vereniging maatregelen te eisen die strenger zijn dan het berekende geluidsniveau dat meerdere decennia aan de orde is geweest. De omgeving is ‘gewend’ aan de nul-situatie die jarenlang heeft bestaan, waarover geen klachten van omwonenden bekend zijn en waartegen de gemeente nooit heeft opgetreden. Pas wanneer de nul-situatie reeds de grens van 50 dB overschrijdt, kan deze niet als basis voor de extra geluidsruimte gelden. Dan zijn maatregelen sowieso noodzakelijk. In het algemeen wordt erkend dat een verschil van 1 dB niet op het gehoor waarneembaar is. Zolang de grens van 50 dB daardoor niet wordt overschreden, mag daarom 1 dB opgeteld worden bij de nul-situatie voor het bepalen van de maximale geluidsruimte die de gemeente biedt. Wanneer uit het rekenmodel volgt dat de maximale geluidsruimte die de gemeente biedt, wordt overschreden, dan eist de gemeente van de vereniging een voorstel voor fysieke maatregelen of beperkingen in speeltijd (vaste eindtijden) die ervoor moeten zorgen dat de maximale geluidsruimte niet overschreden wordt.

Rechtspraak bij dit artikel